Gesien

Gehoord, gezien, gelezen en gedacht

Categorie: Gehoord/ gezien/ gelezen Page 1 of 16

Eeuwigheidszondag

Eeuwigheidszondag… eerlijk gezegd wist ik niet goed wat dat was. De laatste zondag van het kerkelijke jaar. Immers, volgende week begint de adventstijd. We beginnen opnieuw. Dat wist ik wel. In veel kerken worden op die zondag de de overledenen van het afgelopen (kerkelijk) jaar herdacht. In onze gemeente gebeurde dat tot nu toe, in de dienst op oudjaarsdag. Dan werd, oneerbiedig gezegd, de kerkelijke stand benoemd in de kerkdienst.

Nu dus anders. Zaterdagavond was er een Vesper, die ook dit onderwerp had. Het was vrijdag op de generale nog even heel spannend: er waren maar twee van de 8 alten aanwezig.. wat zou het worden? Het kwam goed, gister waren we met z’n vieren en dat ging prima. Het was mooi en fijn om te zingen, alleen jammer dat er erg weinig publiek was.

Ook de ochtenddienst gisteren stond in het teken van eeuwigheidszondag. In het moment voor de kinderen was aandacht voor tijd en eeuwigheid. Dat werd aan de hand van twee klokken uitgelegd. Voor zover dit uitlegbaar is. Wij leven in de tijd, bij God mogen we in eeuwigheid leven. Iets waar we ons geen voorstelling van kunnen maken. Duizend jaar zijn als één dag en één dag als duizend jaar, schrijft Petrus in een van zijn brieven. Een tekst die ik zaterdagavond mocht lezen.

Gisteren herdachten we de gemeenteleden die in het afgelopen jaar gestorven zijn. Drie personen, op relatief jonge leeftijd overleden  Familieleden van hen mochten een kaars aansteken.Een ritueel dat best veel indruk maakte. Je staat zo toch wel heel echt stil bij verdriet en rouw. Ik denk dat geen mens geen verdriet of rouw kent. Zo kunnen we gezamenlijk stilstaan bij gemis. (en hopelijk daarin elkaar ondersteunen)

Daarna zongen we dit lied:

Heer, zie ons huilen om gemis,
als aan het einde van de tijd
het dun vernis
van ons geluk breekt in de dood.
Zult u met ons zijn in dat uur,
vangt u de tranen op of engelen van u,
om hen, verloren aan de dood?

Heer, leer ons leven met de dood,
als aan het einde van de dag
de avond rood
kleurt door de ondergaande zon.
Zult u met ons zijn in de nacht,
wilt u herinneren aan uw geboortedag
die zo beloftevol begon?

Heer, geef in duisternis ons licht,
als, door de sluier van de rouw,
gebrek aan zicht
uw troost genadeloos verhult.
Zult u met ons zijn in die pijn,
wil ons tot leven wekken, helend bij ons zijn,
de hoop zijn die ons weer vervult?

t Robert Roth 160217
m Peter Sneep 161107

Mooi om dit lied te zingen! Bijzonder om zo stil te staan bij verdriet, en bijzonder om getroost te worden door zingen, lezen en luisteren.

Het lied is hier te vinden.

Wil je meer weten over eeuwigheidszondag, hoe dit in te vullen en vooral, meer liederen? Kijk dan op de website van Chiel Voerman.

Ga met God en Hij zal met je zijn.

foto gemaakt door Harmen van den Berg

Ga met God en Hij zal met je zijn, was het laatste lied dat we vanmorgen zongen. In een kerk waar we niet vaak komen. Het was een afscheidsdienst van een mij dierbare dominee. Een dienst waarin we aan het denken werden gezet over de gelijkenis van de verloren zoon. (Lucas 15 vanaf vers 11 tot 32) We mochten bedenken wie we zelf in dit verhaal waren, en waarom. Hm… dat is best een lastige. Een preek met als slot: geloven is thuiskomen. Iets dat je “weet” en toch weer nieuw klinkt.

Met het zingen van de laatste regels van dit lied realiseerde ik me… geen pasto-raad op wielen meer… Geen zegeningen meer vanaf de fiets. Geen tranen in een studeerkamer.

Bijzonder hoe wegen elkaar kunnen kruisen, en in ons geval vaak letterlijk. Bijzonder om terug te mogen zien op goede ontmoetingen en gesprekken. Door emeritaat en verhuizing is dat  nu voorbij.

Het was fijn om bij deze dienst te zijn. Goed om dit afscheid mee te maken. Na de dienst kwamen een aantal sprekers aan het woord. Mannen (!) uit vorige gemeentes van deze dominee. Ook dominees uit Enschedese gemeentes, uit GKv en CGk. In de afgelopen jaren hebben deze gemeentes elkaar steeds meer gevonden. Een proces waarbij de vertrekkende predikant nauw bij betrokken was. Mooi dat deze dingen verder gaan, en hopelijk kan de versnelling nog een tandje hoger. En ook mooi dat er aandacht was voor de plaats van de kerk binnen de stad. Wie kunnen we zijn voor anderen?

Voor nu, voor hier: dankbaar voor dit mooie mens, en: ga met God! Zegen gewenst!

Groen geloven

Zaterdagochtend stond er om een uur of negen een lange rij mensen voor de deur van het Dominicaner klooster. Allemaal mensen die groen willen geloven. Verschillende organisaties hadden de handen ineen geslagen om deze dag te bedenken en uit te voeren. De kaarten waren in de voorverkoop al uitverkocht. Vorig jaar kwamen hier zo’n 12o mensen op af, dit jaar was de max 600 personen. De kerkzaal zat vol, de diverse proeverijen (workshops) waren vol tot overvol. Niettemin, een zeer geslaagde dag! De dag was te volgen via Facebook, en er werd ook veel getwitterd, #groengeloven. Voor mij verbazingwekkend (noem het naïef) welke toon sommige tweets hadden.

In de kerkbanken lag voor iedere bezoeker een duurzame bucketlist. Een afvinklijst over verschillende onderwerpen, om je ‘vorderingen’ bij te houden. Boeiend en confronterend. Het zet me aan het denken en aan het werk.

’s Morgens waren er een paar sprekers: Reinier van den Berg, (die zich tegenwoordig vuilnisman noemt). Dat verhaal was indringend en heftig. Het is vijf over twaalf… en dat terwijl we in ons land doen alsof er nog alle tijd is om het tij te keren. Een goede oplossing is veel bomen planten. En delen is vermenigvuldigen: kies twee personen in je omgeving die je de komende weken positief wil betrekken.

Trees van Montfoort, theologe, zij schreef het boek: groene theologie. Dat verscheen dit jaar, en zij vertelde een en ander over haar visie.

Nicky Kroon was de volgende spreekster. Zij vertelde een verhaal over leven zonder afval. Hoe ze daar “argeloos” aan begon en hoe het tegenviel en hoe het tenslotte toch behoorlijk lukt.

Hierna waren de eerste proeverijen. Ik wilde graag naar het afvalloze leven, helaas (?)  waren er veel mensen die dat wilden, dat lukte me niet. (en och ja, Nicky en haar zus hebben een boek over dit onderwerp geschreven, en de boekhandel in Zwolle is dichtbij het klooster, probleem opgelost)

Ik besloot een zangproeverij te doen, en zo even iets anders in mijn hoofd te stoppen dan woorden. We leerden een tweede en derde stem aan bij een lied dat de afsluiting van de dag zou zijn. In twintig minuten kun je veel leren ontdekte ik.

deze madonna is van afval gemaakt, ze stond in de tuin.

Na de lunch kon je verder gaan met proeverijen, of een college volgen. Ik koos voor het laatste. Het leek me boeiend weer eens een theologiecollege te volgen.  Trees van Montfoort vertelde een en ander over haar boek, en de achterliggende gedachten. Zij benadrukte hoe onze gedachten beïnvloed zijn door het griekse wereldbeeld en door de verlichting. Daarin is de mens heerser over de schepping. Zij kan niets met het woord rentmeesterschap, dat geeft teveel eigenaarschap aan. De mens maakt daarin de natuur onderschikt aan zichzelf, met desastreuze gevolgen. De wereld draait niet om mensen, is haar stelling. God wil een relatie met heel de schepping. Dat geeft de mens veel verantwoordelijkheid om goed met de schepping om te gaan.

Vervolgens legde ze het begrip eco feminisme  uit. En dat ging mijn begrip te boven. Ik bleef wat in verwarring achter en zat te puzzelen over hoe dat dan in elkaar zat en wat ik er dan mee moest. Na afloop raakte ik in gesprek met iemand van de organisatie A Rocha.  Ook hij was bij dit college geweest, en het was prettig nog even wat te sparren. Het boek dat Trees van Montfoort schreef over groene theologie kocht ik maar niet. Het boek dat door A Rocha, is uitgegeven: Het groene hart van het geloof, dan weer wel. Mijn gesprekspartner gaf aan dat dit wat praktischer is, en daar houd ik wel van.

Na alle proeverijen en colleges volgde nog een plenair gedeelte. Ervaringen werden gedeeld. De meeste praktische tip was: we moeten gewoon beginnen. Dat had ik bijna zelf kunnen bedenken. Iemand zei dat groen leven zonder geloof al snel in moralisme kan belanden. Een vers uit Mattheus 6 vers 33: zoek eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid. Gerechtigheid als zorg voor de naasten. Verantwoordelijkheid nemen voor je eigen gedrag.

Gedurende de dag was Gerdien van Delft- Rebel bezig met een kunstwerk. Een kunstwerk gemaakt van plastic doppen. Dat kunstwerk werd aan het einde van de dag aan Martine Vonk overhandigd. Zij is zo ongeveer de grondlegger uit christelijke kring, van het denken over milieu en het zorgen voor de schepping. Helaas is ze ongeneeslijk ziek.Dit kunstwerk is bedoeld als eerbetoon. Een stilmakend indrukwekkend moment.

Dagje krant

In het Nederlands Dagblad van vandaag stond nog een artikel over de open dag van zaterdag, dus ik vind dat ik er ook nog wel over mag schrijven..

Na een prima reis probeerde ik in Amersfoort het ND-gebouw te vinden. Ik had nog een kwartier, voordat mijn workshop over hoe een essay/ column te schrijven begon. Ik kwam een hevig foeterende man tegen, hij was op weg naar de Berkenweg. Ha, dacht ik, we kunnen samen lopen. Hij kon de weg schijnbaar niet vinden en samen lukt het beter. Terwijl de meneer mij overweldigde met allerlei verhalen en vertelde over wat hij allemaal al geschreven  had, (ook hij wilde de schrijfworkshop volgen) liepen we verder en verder. Dat verder betekende dat we steeds verder van het ND gebouw verwijderd raakten. Mijn talent voor verkeerd lopen is overontwikkeld. Lang verhaal kort: om kwart over elf belandden we bij het gebouw. Ik liet de workshop aan me voorbij gaan, halverwege ergens binnenvallen vind ik niet zo fijn.

Daarna ging ik maar aan de koffie en bekeek de rest van het programma. Het politieke programma liet ik aan me voorbij gaan. Met aandacht luisterde ik naar wat zuster Monica te vertellen had en met nog meer aandacht volgde ik de column van Rinke Verkerk. Zij is wel mijn favoriete columnist. Hierna besloot ik naar de derde verdieping te gaan, waar de werkruimtes van het ND zijn. In de lift bekeek iemand, zij was getooid met een ND-badge,  mijn naametiketje, en vroeg: “Hé, ben jij Margé? Ik heb je blog gelezen over de krant. We kregen het doorgestuurd”. Vandaar dat er zoveel views waren in de afgelopen dagen! Echt heel gaaf!

Ik dwaalde wat rond op de werkafdeling. Wat een hoeveelheid beeldschermen! Leuk om het geheel zo te zien! Het grappige vind ik dan dat ik allerlei mensen tegen kom die ik denk te kennen, en ik heb de neiging om te groeten. Maar ja, ik ken ze alleen van een foto uit de krant! Leuk om hen in het ‘wild’ tegen te komen.

In een gang lagen allerlei boeken, die je mee mocht nemen. Recensie exemplaren denk ik. Ik nam een boek over punchen mee. Zo kan ik weer met een nieuwe hobby beginnen.

Onderweg kwam ik nog enkele goede bekenden tegen, die ik echt al heel erg lang niet meer gesproken had. Het waren korte gesprekjes, wel erg gaaf. Van een van hen ontving ik bemoedigende woorden, als een kado voor deze dag. (en volgende dagen)

Ik had genoeg gehoord en gezien en besloot weer in de trein te stappen. Een trein die me naar Harderwijk bracht. Daar hielden we onze jaarlijkse familiedag. Een ontmoeting van alle zussen/broer/ kinderen/ kleinkinderen. Ik denk niet dat ik iedereen gesproken heb, we waren met 56 personen. (en niet iedereen was er). Ook dit was een fijne ontmoeting!

Ode aan “mijn” krant.

Zaterdag viert “mijn” krant een feestje en ik hoop een deel daarvan mee te maken!

De krant is tien jaar ouder dan ik en altijd in mijn leven aanwezig geweest. De krant is een belangrijk iets. Leest iemand de krant, dan stoor je hem of haar niet, zo is mijn gedachte. Zo wordt krant lezen bijna een ‘heilig’ gebeuren.

Als klein kind lag ik op de grond de krant te lezen. Op de (gereformeerde) MULO kregen we de opdracht elke dag de krant te lezen. Las je niet alles, dan toch ten minste het buitenlandoverzicht en het hoofdartikel. (in mijn beleving bevatten beiden destijds meer woorden dan nu)

Als tiener las ik synodeverslagen. Niet dat ik er veel van begreep, wat ouderling die of dominee dat zei. Bijzondere verslagen waren dat, in bijzondere tijden. Het was spannend, een kerk scheurde. Onze eigen gemeente bleef één, wel vertrokken een aantal leden naar een genabuurde gemeente.

In die tijd was de doelgroep van de krant de Gereformeerde kerk vrijgemaakt. Aan synodes van die kerken werd de meeste aandacht besteed. Uitgebreide verslagen. De sprekers werden met initialen aangeduid.  Nu wordt er in verhouding veel minder aandacht aan de Gkv synode besteed en staan er reportages in over diverse synodes en kerkelijke vergaderingen. Niet alleen in de krant te lezen, juist ook via de website van het ND. Zo zat ik aan mijn laptop gekluisterd in de tijd dat de Gkv synode besluiten nam over vrouwelijke ambtsdragers.

De krant, daar knip je artikelen die je belangrijk vindt, uit. Mijn vader deed dat, en als hij in de nachtdienst zat, plakte hij die artikelen in plakboeken. We moeten thuis rijen plakboeken  gehad hebben. In mijn herinnering werden vooral verhalen die met de kerk te maken hadden bewaard. Ook en juist uit de tijd van de scheuring in de zestiger jaren. Het zou een mooi archief zijn geweest, als het bewaard was gebleven.  Nog steeds knip ik ook artikelen uit die ik nog een keer wil lezen, of columns van bepaalde schrijfsters. Ooit, als ik met pensioen ben, ga ik ze inplakken….

Toen ik zeventien was ging ik uit huis om in de zorg te gaan werken. De deur uit, in een zusterhuis wonen, een opleiding volgen, er veranderde veel in mijn leven. Mijn krantenlezen veranderde niet. ik nam een eigen abonnement. In het zusterhuis hadden we postvakjes. Wat was ik blij dat mijn postvakje bijna elke dag gevuld was!

Ik verhuisde en de krant verhuisde mee. Ik trouwde met iemand die minder fervent krantenlezer is dan ik.  We hielden wel allebei van het Gereformeerd Gezinsblad, zoals het toen heette. In dat gezinsblad heeft de geboorteadvertentie van onze vier zonen gestaan. Plus advertenties van onze huwelijksjubilea. Nog steeds pluis ik de pagina met familieberichten helemaal na. De oudjaarsbijlage, met alle nieuwjaarswensen was als luilekkerland. Zo leuk om al die wensen te lezen, en zo ook een beetje bij te houden wie waar woont en wat er in gezinnen van bekenden gebeurd was in het afgelopen jaar. Inmiddels is zo’n bijlage geschiedenis. Wel worden we  ieder jaar getrakteerd en verrast op mooie bijlages aan het einde van het jaar.

De krant is veranderd en niet iedereen vindt dat fijn. Een enkele keer wordt nog gezegd dat de krant leiding moet geven en dat niet (meer) doet. Ik denk dat vroeger teveel waarde werd gehecht aan wat voormannen (altijd mannen hè) vertelden en schreven. Het lijkt wel makkelijk om adviezen en richtlijnen op te volgen. Nu wordt er meer van de eigen verantwoordelijkheid verwacht en dat kan heel verschillende uitkomsten opleveren.

Er is een tijd geweest dat er veel ingezonden stukken in de krant stonden. Felle discussies over allerlei onderwerpen. Ook nu staan er wel ingezondens in, die soms lijnrecht tegenover elkaar staan. Ik denk dat de meeste “strijd” nu op social media uitgevochten wordt.

In de loop der jaren is er wel meer interactie met de lezers ontstaan. ik denk dan aan rubrieken als: huwelijksjaren, je werkplek, je huiskamer, de oudere, wie is dat, de jongere, wie is dat en de dagelijkse ik en mijn huis-jes. Ik mocht een aantal columns over mijn werk schrijven, onze huiskamer stond in de krant, en een paar jaar geleden stond ik op de voorpagina van een bijlage. Ik vond het erg leuk om dit soort dingen te doen.

Ik ben iedere week weer blij met de Gulliver, de cultuurbijlage op vrijdag. Daar staan reportages over kunst in, boekrecensies, interviews, filmrecensies. In mijn jeugd, (oftewel: vroeger) was het ondenkbaar dat die in de krant zouden staan. Onmogelijk! De bioscoop is een werktuig van de duivel, daar hoor je als christen niet te zijn, zo kreeg ik te horen. En zelfs al zouden er heel misschien wel films zijn die de moeite waard zijn, dan nog, je hoort niet in de bioscoop thuis, zo was de gedachte. Lange tijd vond ik dat ook. Nu zoeken we onze films bewust uit. En genieten vaak van films. Ik ben dan ook iedere week weer benieuwd naar de filmrecensies. (niet dat we onze keuze daar afhankelijk van maken) Het oordeel over boeken was helder en eenduidig, destijds. Goed of fout. Vloeken= fout. (al word ik niet echt blij van vloeken, het is niet altijd een reden om het boek aan de kant te leggen). Een deel van de beroemde nederlandse schrijvers heb ik aan mij voorbij laten gaan. Al heb ik niet het idee dat ik daardoor heel erg veel mis.  Ik denk dat boeken nu wat meer op inhoud en schrijfstijl beoordeeld worden in het ND.

Kortom, ik ben nog steeds blij met mijn krant. Het enige wat minder is, is het geluid van de brommer van onze bezorger. Mag de krant alsjeblieft wat later bezorgd worden?

Wereld Alzheimer Dag

Vandaag is het wereld alzheimer dag. In diverse kranten las ik er over. Vanavond is er een bij voorbaat al indrukwekkend programma op tv.

Gisterochtend hoorde ik op de radio een gesprekje met de voorzitter van Alzheimer Nederland. De aanleiding tot dit gesprek was de uitkomst van een onderzoek door de wereldwijde Alzheimer organisatie. Men had ontdekt dat 29% van de mensen die aan dementie lijdt, dit verborgen wil houden. De vraag werd gesteld waarom dit zo was, dat verbergen.

Mensen hebben al snel de gedachte: ik ben anders, vertelde de mevrouw. En daardoor word je anders behandeld en benaderd. Dat hoefde echt niet, zei ze erbij. Je hebt dementie, het is een ziekte. Dat het een ziekte is, benoemde ze zeer nadrukkelijk. Ze stelde dat het heel erg belangrijk is om er over te praten met je omgeving. Je moet je er op voorbereiden en goed weten wat je doen moet, als je dementie krijgt/ hebt. In ons land zijn ongeveer 280 000 mensen met dementie, waarvan 70% thuis woont. Eén op de vijf mensen krijgt dementie, en er zijn wel vijftig verschillende oorzaken van dementie.  Je komt dus overal mensen met dementie tegen… Erg blij was ze met de campagne van samen dementievriendelijk, met voorlichtingfilmpjes  o.a. over openbaar vervoer en dementie.

Ik hoorde het allemaal wat verwonderd aan. Ik vind het een wat gekunsteld geheel; je hèbt dementie, het is een ziekte. Ja, dat is waar. Het is wel een ziekte die uiteindelijk jouw persoonlijkheid opvreet. Tot je niet meer weet wie je bent en wie je naasten zijn. Ik weet niet zo goed hoe je je daar dan op kunt voorbereiden. Ik zou  voor mijzelf niet weten hoe ik dat zou kunnen doen. Of denkt die mevrouw meer aan wilsbeschikkingen en dergelijke zaken? (die overigens niet in dat gesprek genoemd werden)

Het is deze maand vijftien jaar geleden dat onze lieve vader overleden is. Ook hij leed aan de ziekte van Alzheimer. Hij was al jaren ziek, kon niet meer thuis wonen, herkende ons nog wel, al denk ik niet dat hij nog wist dat we kinderen van hem waren. Of dat hij wist dat hij meer dan vijftig jaar getrouwd was met die liefdevolle vrouw die hem zo trouw opzocht. Zijn overlijden kwam toch nog wel onverwacht. Het bracht verdriet en leegte, ook al was het afscheidnemen er al jaren.

Missa in mysterium

Gisteren kwamen we na een “dolle rit” in Oldenzaal aan. Dol, omdat we niet ingeschat hadden dat we allerlei omleidingen moesten volgen. Onze bestemming was de Plechelmusbasiliek. We dachten dat de kerk al zo goed als vol zou zijn, om vijf voor vier. Er stond een enorme rij mensen voor de kerk.. het was vast al heel lang geleden dat er zo’n rij mensen stond te wachten om de kerk in te mogen.

We kregen, ondanks ons late aantreden, een prachtige plek in de kerk. De achterste rij van de banken in de zijbeuk van de kerk. Staand (op de knielbank)  konden we alles goed zien. De kerk was echt mudvol.

We waren bij de Missa in Mysterium. In het “programmaboekje” omschreven als: het celebreren van een geheel gezongen Latijnse gregoriaanse mis volgens een bepaalde aanpak. Deze mis was ‘georganiseerd” door Herman Finkers. Ik had er iets over gezien bij de wereld draait door. Het leek ons wel iets om dat bij te wonen. Of mee te maken. Want het was een belevenis. Wat is er veel te zien en te horen en te ruiken en te bewegen tijdens een mis. Je gebruikt zo ongeveer alle zintuigen. Er waren drie bijbellezingen. Die werden door de priester gedaan. Tegelijkertijd las Herman Finkers dezelfde bijbelgedeeltes, in het Twents. Ik vind Twents niet altijd makkelijk te volgen, de grote lijn kan ik volgen. Gelukkig stond de Nederlandse tekst in het boekje.

Het speciale was het gregoriaans zingen. Volgens Herman hoef je dat niet te zingen, het zingt al. Het zoemt in de tijd en het hangt in de lucht. Ik vond dat toch iets ingewikkelder, ondanks dat ik het oefenfilmpje goed beluisterd had, vond ik het nog best moeilijk om mee te zingen.

Ik wilde echt alles meemaken vanuit het boekje, alles meelezen en zo op die manier volgen wat er gebeurt. (en misschien ook nog wel: weten waarom het gebeurt) Allernaaste wil alles ondergaan, over zich heen laten komen. Weer grappig om dit zo samen een ieder op de eigen manier mee te maken.

 

Een warme wandeldag.

“Als jij een route bedenkt hoop ik een keer een datumvoorstel te doen 🙂 “, was de inhoud van een appje dat ik een paar weken geleden kreeg van een wandelgrage achterneef. (tenminste, we denken dat onze familierelatie zo heet)

Die uitdaging nam ik aan.Het voelde ook wel als uitdaging, ik wandel wel regelmatig, ben geen afstandswandelaar. Al snel verdwaalde ik in de hoeveelheid wandelroutes en mogelijkheden. Nooit geweten dat er zoveel verschillende wandelwebsites zijn. En dat er zoveel wandelingen uitgeschreven zijn, en dan heb ik het nog niet eens over alle wandelnetwerken.

Ik deed een voorstel en er volgde een datumvoorstel. Gisteren. Eergisteren volgde nog overleg over een hitteplan, immers het zou weer best warm worden. Mijn hitteplan bestond uit de korte (11km) route lopen. De route die ik uitgezocht had, was een route volgens het boekje.

Ons startpunt was Delden. Voor mij bijna een thuiswedstrijd. We zouden een rondje Delden-Bentelo lopen. We liepen langs de Hagmolenbeek, en aten daar onze boterham. En als je met een vogelliefhebber op pad bent, let je zelf ook extra goed op, merkte ik. Wat een mazzel dat ik mijn zicht op de beek had, en zo als eerste een schitterende ijsvogel spotte! (de herkansing volgde al snel).

Mijn metgezel spotte een kleine ijsvogelvlinder… nooit van gehoord, eerlijk gezegd. Zo wandelden we met open oren en ogen en harten. Het was fijn om zo een dag te wandelen en te delen.

De wandeling was nog best pittig. Het was goed om enkele pauzes te houden. Zo ontdekten we in Bentelo een erg leuk bedrijf. Zo iets waarvan je denkt: hier wil ik nog wel een keer naar toe!

Onderweg ontpopte mijn metgezel zich als een ware opruimer. Bizar hoeveel troep je in bermen ziet liggen. Het is ook (bijna) aanstekelijk om op te gaan ruimen. Ik vind het jammer dat je daardoor de neiging hebt de mooie dingen niet te zien en wel alle rotzooi. Wel grappig dat er net gisteren een artikel in het Nederlands Dagblad stond over de verslavende werking van het zwerfvuil opruimen. Er is een app ontwikkeld om plekken te vinden waar opgeruimd kan worden. (wel voor zeer plaatselijk gebruik) De app heet HelemaalGroen en kan aan de Strava app gekoppeld worden.

Uiteindelijk liepen we 15.5 kilometer. De route en een enkele al dan niet bewuste afwijking. Ik voelde me wel een beetje uitgeput toen ik thuis kwam. Een douche deed wonderen.

Het geeft me een heerlijk gevoel dat ik dit gedaan heb. De laatste tijd voel ik me fysiek niet optimaal. Een schouder die vastzit en pijnlijk is kost veel energie. Niet een heel prettig gevoel. Dat ik dan toch die 15 km liep was gaaf. Ik leerde weer iets nieuws over mijzelf en wie weet ga ik vaker volgens het boekje lopen!

Lion King

De afgelopen dagen heb ik steeds maar liedjes in mijn hoofd: Hakuna Matata, the circle of life, can you feel the love tonight.

Ja, we zijn naar de film the lion king geweest, zoon drie en ik. 3D brillen op en laat maar gebeuren. Blijft bijzonder, dat 3D. Vliegen die op je af komen, ravijnen waar je bijna zelf in stort. Je  hoofd wordt er best moe van, van zoveel beweging.

De eerste versie hadden we ook gezien, met ons hele gezin. (eerste versie is uit 1994, een tekenfilm) Toen ik het nog spannend vond om naar de bioscoop te gaan. Zo’n gevoel had van eigenlijk er niet te horen. (misschien nog wel stof voor een volgende blog)

Het verhaal van de film was gelukkig niet veranderd. Een verhaal over opofferingsgezindheid, gemeenheid en leugens. Uiteraard met een slechterik en een goede. En het goede overwint het kwade. Een levensechte film, door de computerbeelden die van alle dieren gemaakt zijn. Daardoor komt het best binnen, de gevechten en gesprekken. Wat natuurlijk weer zeer apart is, levensechte dieren die gesprekken voeren en rare streken uithalen.

Wat me opviel en bijbleef is de invloed die anderen op ons kunnen hebben. In de film zegt Scar (de slechterik) tegen Simba (de hoofdpersoon) dat Simba de oorzaak is van de  dood van zijn vader. Simba gelooft dit en vlucht. Hij leeft zijn leven ergens anders en heeft het daar naar zijn zin, ook al leeft hij niet bepaald een leven volgens zijn bestemming. Het kostte veel moeite om hem uiteindelijk over te halen zijn taak op zich te nemen…..

Wat me eveneens opviel was dat de slechterik, Scar, koning werd en tijdens zijn “regering” het gebied waar ze woonden, leegjaagde. Er bleef weinig meer over voor volgende generaties.

Zoon en ik vonden het een mooie film. Indrukwekkend, vooral door het 3D. Een film die ook wel weer tot nadenken zette.

 

Gewone genade

Vakantie tijd is voor mij (ook) leestijd. Op de een of andere manier lukt het me niet zo goed meer om te lezen als ik volop in werk en andere activiteiten zit. (goed voornemen: meer lezen)

In de afgelopen week las ik het boek “Gewone genade”, geschreven door William Kent Kruger. In het voorjaar werd mijn nieuwsgierigheid naar dit boek gewekt door een artikel in het Nederlands Dagblad. De (christelijke) uitgever schreef in een essay dat hij dit boek wilde uitgeven, en dat er in gevloekt wordt. Die vloeken waren een punt van overweging voor hem. Weglaten? Andere woorden bedenken? Uiteindelijk is het boek, inclusief vloeken in het nederlands verschenen.
Ik besloot me niet te weerhouden door het taalgebruik en het boek te kopen en lezen. Vorige week in begonnen, gisteren uitgelezen. Een bordje niet storen had ik niet nodig.

Het verhaal speelt in 1961 in de staat Minnesota in Amerika.Het beschrijft het verhaal van een zomer in een klein stadje. Een stadje waarin veel gebeurt. Er vallen doden, door diverse oorzaken. Het boek gaat vooral over het gezin Drum: vader, moeder, drie kinderen. Twee zonen, een dochter. Eigenlijk vind ik het lastig om hier al een en ander over het verhaal te vertellen. De schrijver van dit boek schrijft hoofdzakelijk thrillers. Dit boek leest als een thriller maar is het niet.

Het vertelt een geschiedenis over een gezin. Een verhaal over rouw. Het gaat over hoe je met God omgaat in zeer zware dagen. Hoe een gezin kan breken door verdriet. Uiteindelijk is het geen hopeloos verhaal. Het eindigt positief. En dat is wel een beetje een kritiek puntje: het positieve kwam voor mij wat te snel.

In een recensie las ik dat de hoofdpersonen té wijs zijn voor hun leeftijd, hun gesprekken “kloppen” niet.  (ze zijn 13 en 11 jaar). Feitelijk klopt deze kritiek, terwijl ik juist genoot van de fraaie en wijze oneliners die ze tegen elkaar zeiden. Er zaten mooie wijsheden in de gesprekken verstopt. Wijsheden waar ik van genoot.

Wat betreft het vloeken: ja, er wordt in gevloekt. En op een bladzijde, tamelijk in het begin, werd veel gevloekt. Zoveel dat ik dat echt over de top vond. Zoals het verder in het boek voorkomt/ gebruikt wordt, vond ik het een soort ‘functioneel’ om het op deze rare manier te zeggen.

Tenslotte. Vorige week was er op televisie veel aandacht voor homoseksualiteit. Ik heb twee documentaires teruggekeken: “De kast, de kerk en het koninkrijk” en “Ik ben er geen, ik ken er geen”. Beide indrukwekkend, beide tot nadenken stemmend. Wat mij in een van beiden opviel, was dat een man zei dat hij als homo voortdurend bezig was (geweest?) te kijken hoe andere (hetero) zich gedragen. Dat hij zijn eigen gedrag daarop afstemde. Alles om maar niet op te vallen. Uit angst voor? Het oordeel van anderen?

Ook in dit boek komt iemand uit de kast, om het zo te noemen. Deze persoon zegt: “Mijn hele leven kijk ik al naar andere jongens om te zien hoe ik me moet gedragen. Ik zeg tegen mezelf: “zo loopt een jongen. Zo praat een jongen. Zo kijkt een jongen niet aan andere jongens”. (ook) in dit boek zegt de dominee: je bent een kind van God. Iets wat ik maar voor een deel in de documentaires hoorde/ meekreeg. Daar hoorde ik behalve aanvaarding ook veroordeling.

Samengevat: ik heb genoten van dit boek, ben er (weer) door aan het denken gezet en heb af een toe een traan gelaten. (huilen om een boek was lang geleden)

Page 1 of 16

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén