Gesien

Gehoord, gezien, gelezen en gedacht

Categorie: Leven als kind van God Page 1 of 14

Achterom kijken

In de afgelopen week was het twintig jaar geleden dat een wijk in onze stad in de as werd gelegd. Een opslagplaats voor vuurwerk ontplofte, waardoor is nooit opgehelderd. Drieëntwintig mensen stierven door deze brand, zo’n duizend mensen raakten (lichamelijk) gewond. Die dag was een stralende dag, het was erg warm, straten en terrassen waren vol. Doordat zoveel mensen al buiten waren is het aantal slachtoffers relatief laag gebleven. De vuurwerkramp is en blijft een grote wond in de stad, ook al is de wijk herbouwd en lijkt het of het leven is herpakt.

Voor ons was de ramp schokkend, we weten allen in ons gezin nog wat we deden op het moment van de ramp.De angst en de paniek heeft alleen allernaaste deels meegemaakt. We waren daar in de buurt aan het wandelen en hij wilde ‘even’ een brand zien, toen de rookwolken zichtbaar werden. Overige beelden kennen we van de tv. De stille tocht liepen we als gezin mee.

Maar dichterbij dan dat kwam het niet. Een paar dagen later werd onze aandacht naar binnen gekeerd, doordat een van de zonen ernstig ziek bleek en met spoed in het ziekenhuis werd opgenomen. Uiteindelijk viel de diagnose mee, een relatief onschuldige ziekte die door een erfelijke bloedafwijking zeer versterkt werd. Dit werd pas na een week duidelijk, en als er in de eerste dagen alleen maar onderzoeken gedaan worden die een dodelijke ziekte uit kunnen wijzen, dan zijn dat barre tijden. (het is allemaal goed gekomen en met die bloedafwijking valt prima te leven)

Voor ons is zo de vuurwerkramptijd een dubbele tijd. We keken deze week naar een documentaire. (na de klap). Behalve dat was er niet zo heel veel te zien en mee te maken omdat de herdenking in zeer kleine kring moest.

Het tweede terugkijken was gisteravond. Het afscheidsconcert van Elly en Rikkert Zuiderveld. Na vijftig jaren in het vak, is het tijd om te stoppen. We hadden kaarten voor een van de afscheidsconcerten. Die niet doorgingen. Internet is onze grote vriend in coronatijden, en daardoor konden we alsnog kijken. Wat een mooi en bijzonder concert. Wat een mooie en bijzondere mensen is beter. Muziek met een lach en een traan, vlijmscherpe teksten soms. Ik was geraakt en ontroerd door de mooie teksten, warme muziek, warmte in en bij de begeleidingsgroep.

Elly en Rikkert, ik geloof dat ik hun muziek al kende voor ze tot geloof gekomen waren. Daarna heb ik hen deels gevolgd. De kinderliedjes zijn het meest bekend voor mij. Al fietsend zongen jongste zoon en ik “Jezus is de goede herder”. Oude tijden, mooie tijden. Ik merkte gisteravond dat ik een tijd uit hun carrière gemist heb, hoorde ineens liedjes die ik niet kende. Zo wordt een afscheid een hernieuwde kennismaking! Het voelt als een afsluiting van een tijdperk. Een afscheid. Met een traan.

Kerk en corona

Eerlijk gezegd weet ik niet precies meer in welke week van het corona gebeuren we zijn beland. De dagen en weken rijgen zich een beetje aaneen, vooral nu ik niet meer werk. Het is zoals het is. Dat is ook wel zo, maar soms is het lastig dat het zo is.

Inmiddels zijn kerkdiensten online het nieuwe (ab) normaal. Hebben we thuis avondmaal gevierd. Genieten we iedere zondag opnieuw van een creatieve actie van onze koster, kunnen we iedere week bemoedigd worden door een meditatief moment. Een anonieme bloemengever uit de gemeente (?) bereikte ook ons huis, waarvoor nogmaals dank.

In kranten en social media blijven theologen over elkaar heen buitelen. De discussie over het avondmaal hebben we denk ik wel zo ongeveer gehad. Het volgende gesprek ging over het al dan niet dopen in deze tijd. Uiteraard zijn daar weer verschillende meningen over te ventileren. Naarmate het langer duurt voor we weer naar de kerk kunnen wordt het wel wat urgenter. Ik kwam diverse suggesties tegen: ouders zelf laten dopen, wel in de kerk, de dominee die doopt gekleed in een beschermend pak, zoals op de IC. Of een stok met schelp gebruiken door de dominee. Of even de adem inhouden tijdens de doop, dit omdat vooral bij het ademen de kans op verspreiding van het virus het grootste is. Of thuis door de ouders laten dopen.

illustratie afkomstig uit Nederlands Dagblad

Aan originaliteit in ieder geval geen gebrek. Na deze problemen is nu nog een probleem opgedoken. Zingen schijnt het ultieme virusverspreidingsmiddel te zijn. (Ik las vandaag in Trouw een alarmerend verhaal over een koor waar heel veel mensen besmet raakten, begin maart, toen alles nog kon en mocht)

Het is mogelijk om binnenkort toch weer kerkdiensten te houden, met een klein aantal mensen. Zingen in de kerk is niet zo heel gezond en zou afgeraden/ verboden kunnen zijn. Het Nederlands Dagblad had onlangs een pagina meningen over kerkdiensten zonder zingen. Ook hier was verdeeldheid.  God gebiedt ons te zingen, vertelde iemand. Een ander proclameert door het zingen dat God koning is. Een kerkdienst zonder zang is bijna niet voor te stellen. Er is weer iets nieuws om ons mee bezig te houden. Het zijn vooral theologen die hierover schrijven (en twitteren). Ik ga uit van hun goede bedoelingen en het serieus bezig zijn/ denken over doop/ avondmaal in deze tijd. En toch puzzelen deze dingen me. Zijn dit nou de zaken waar we ons nu druk over moeten maken?

Gisteren lazen we uit Exodus 19. Het volk Israël is Egypte uitgetrokken, heeft al een reis door de woestijn gemaakt, en gaat de wet ontvangen. God gaat in gesprek met het volk, met Mozes als boodschapper. Gods heiligheid staat voorop. Het volk moet zich reinigen en rein blijven. God zegt hier (vers 6): een koninkrijk van priesters zul je zijn, een heilig volk. Petrus herhaalt dit in zijn brief, ook hij zegt: u bent een koninkrijk van priesters, een heilige natie. Ik vraag me dan af in hoeverre we priesters mogen zijn als in kerken alles alleen door predikanten gedaan wordt.

Door dit hele gebeuren  verlang ik terug naar de tijd van Urban Expression. Terug naar de basis van het kerk-zijn in een pioniersgemeente. De tijd dat we daar actief lid van waren en eigenlijk de mooiste avondmaalsvieringen meemaakten. Gewone broodjes, waar we stukjes vanaf scheurden en het elkaar gaven met de woorden: Christus is ook voor jou gestorven. Nooit kwam het meer binnen bij mij dan die keren. Of die enkele keer dat we binnen ons eigen team avondmaal vierden, omdat het in onze beleving in de kerkelijke gemeente niet meer mogelijk was. We vierden avondmaal met ons zespersoons team. Indringend en dichtbij.

Het is niet mijn bedoeling een theologische discussie over ambten aan te zwengelen. Ik verbaas me over alle energie die gestoken wordt in het nadenken over hoe en wat. Waar blijven onze handen uit de mouwen? En deze laatste vraag stel ik net zo goed aan mijzelf!

De vrouw en het woord

Sinds een aantal weken hebben we in onze gemeente op woensdagavond een meditatief moment. Geen kerkdiensten in het echt, geen enkele ontmoeting. Dan kan het fijn zijn halverwege de week bemoedigd te worden. De eerste twee overdenkingen werden door de beide predikanten verzorgd, de rest door gemeenteleden. Door ziekte van de oorspronkelijke spreekster, mocht ik vorige week woensdag als eerste gemeentelid de meditatie verzorgen. Ik had al snel bedacht wat ik wilde doen. Om het vervolgens echt uit te werken, was een de volgende uitdaging.

Uiteindelijk kreeg ik mijn verhaal op papier. Woensdagavond zelf vond ik nog wel spannend. Ik heb het nog nooit eerder gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan, is niet helemaal mijn lijfspreuk.

Ik had me niet gerealiseerd hoeveel werk zo’n uitzending is. De koster was paraat, evenals enkele mannen die zich bezig hielden met techniek. Ik kwam even de kerk binnenwandelen, deed mijn verhaal en kon weer gaan. Ik kwam als laatste en ging als eerste weer weg. Hieronder de tekst:

Overdenking woensdag 22 april 2020

Fijn dat we elkaar hier weer digitaal mogen ontmoeten.Fijn dat we in een land leven waarin we dit in vrijheid mogen doen. Eerst luisteren we naar een bewerking van psalm 16. Enkele woorden uit deze psalm:

Behoed mij God, ik schuil bij U. Heer, mijn enig bezit, mijn levensbeker, U houdt mijn lot in handen. U wijst mij de weg naar het leven: overvloedige vreugde in uw nabijheid, voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde.

We leven in spannende tijden. Ik ben bang, bang voor mijzelf, bang dat mijn oude moeder en schoonmoeder ziek worden. Wat als ik zelf ziek word, of mijn man?  Wanneer kan ik weer naar de kapper?  Wat gebeurt er in vluchtelingenkampen? Wat in Afrika, als daar het virus  echt losbarst? Hoe ziet ons veilige leventje er straks uit? En wanneer is dat straks? Oftewel, hoe lang gaat dit duren?  Mogen we ooit nog weer naar de kerk? Hoe dan? Dan kunnen er zomaar allerlei vragen opploppen.

Waar is God? Wat doet Hij? Waarom gebeurt dit?

Ik kom allerlei gedachten over het waarom van deze crisis tegen. En ik word er soms erg moe van, tegelijk kan ik niet goed stoppen met alles te lezen en alles te volgen. Het lijkt of we er makkelijker mee kunnen dealen als we weten waarom dit gebeurt.

Op de radio hoorde ik iemand zeggen: ik wou dat ik in God kon geloven, en dan zou kunnen denken dat dit een straf van God is, dan kan ik er veel makkelijker mee om gaan. Ik vond het wel bijzonder dat er dan aan een straf gedacht werd, wat voor beeld heb je dan van God? Zo is onze cultuur, we willen weten waarom iets gebeurt. Dan heeft het zin, zo lijkt het.

Terwijl de gebeurtenissen op zich even erg blijven, of je nu wel of niet weet waarom iets zo gebeurt.

Wat barre tijden betreft is er niets nieuws onder de zon.

We gaan nu terug naar de tijd van  de ballingschap van het volk Israël. Het volk was weggevoerd naar Babel. Dit was een straf voor hun slechte gedrag. Ze waren vaak gewaarschuwd en gingen alsnog hun eigen gang. De straf was de wegvoering uit Israël, naar Babel.  Al veel jaren wonen daar. Ze zijn er gesetteld. Ze hadden van God de opdracht gekregen daar huizen te bouwen, tuinen aan te leggen, huwelijken aan te gaan, kinderen te krijgen.

Kortom: leef daar, ver van je eigen land, je leven. Bovendien kregen ze de opdracht te bidden voor de stad waar ze naar toe gebracht waren. Want, zo zegt God: de bloei van de stad is ook jullie bloei. (je kunt hier over lezen in Jeremia 29) Er zal een hele generatie opgegroeid zijn in het verre Babel die het  vaderland niet kent.

Dan komt die  oproep/ mogelijkheid/opdracht,  om weer terug te gaan naar hun eigen land. Durven ze dat aan? Hun relatief veilige omgeving verlaten, terug te gaan naar een land dat er verwoest bij lag? Wat ze niet eens meer kenden.

God laat deze woorden spreken door Jesaja. Ik lees een paar verzen uit hoofdstuk 40, hierin laat Hij  zien wie Hij is. Je wordt stil als je leest hoe groot God is: Wie heeft de wateren met holle hand omvat, de hemel gemeten met een ellemaat?  Wie heeft het stof van de aarde met een maatlepel afgepast?

Wie heeft de bergen gewogen op een weegschaal, de heuvels met balans en gewichten?

Wie heeft de geest van de Heer gemeten? Heeft iemand hem ooit raad gegeven?

Wie raadpleegt hij, wie biedt hem inzicht? Wie lijdt hem op de paden van het recht? Wie lijdt hem naar de wijsheid? Wie toont hem de weg van het inzicht?

In zijn ogen zijn de volken als een druppel in een emmer, als een stofje op de weegschaal; eilanden weegt hij als zandkorrels.

Hoofdstuk 40 vers 28: een eeuwig God is de Heer, schepper van de einden der aarde. Hij wordt niet moe, hij raakt niet uitgeput, zijn wijsheid is niet te doorgronden.

Hoofdstuk 41 vers 10: wees niet bang, want ik ben bij je, vrees niet, want ik ben je God.

Deze woorden zijn een bemoediging voor het volk. Deze grote God, die de hele wereld in zijn hand heeft, die alles naar zijn wil laat gebeuren, deze grote God zal voor hen zorgen, zal het troosten, zegt dat hij altijd bij hen zal zijn.

Ik vind dat een wonder! Gods macht en kracht, de god die hemel en aarde gemaakt heeft, die de wereld bestuurt, die God kijkt naar ons om. Hij zegt: wees niet bang, want ik ben bij je.

Deze grote God zorgt nog steeds, dat heeft Hij beloofd ook door de woorden van zijn zoon Jezus Christus, vlak voor de Here Jezus naar de hemel ging: ik ben met jullie alle dagen van jullie leven.

Deze God is erbij, ook in tijden van Corona. Niet dat dan alles in een keer een eitje wordt. Niet dat alleen zitten dan ineens leuk wordt. Dat was niet de belofte van God, een leuk leven geven.

Wel weten we dat we aan de hand van de vader mogen lopen, dat Hij erbij is!

We luisteren nu nog naar een psalm, uit de bundel psalmen voor nu. Psalm 16 uit psalmen voor nu.

Het leven is niet maakbaar

op zoek naar de goede weg

Inmiddels vliegt het Corona virus met grote vaart door de de wereld, zich vasthechtend op steeds meer mensen. Ik heb het idee dat het een oprukkende ‘vijand’ is, die steeds dichterbij komt, ook al ken ik geen mensen in mijn naaste omgeving die al of niet gediagnosticeerd, het virus hebben/ ziek zijn geworden.

Corona en zijn gevolgen beheersen de media. Wijze en minder wijze mensen geven hun mening, en vooral de (in mijn ogen) minder wijze mensen weten het allemaal zeker: het is de schuld van de regering… Er is een discussie losgebarsten over het aantal bedden dat beschikbaar is op de intensive care. Dat maakt dat er goed nagedacht moet worden over wie er wel of op een IC wordt opgenomen. Dat is geen nieuwe discussie denk ik, het is op dit moment een urgentere discussie. Als het goed is wordt er altijd van te voren nagedacht over de vraag of een IC opname zinvol is voor de patiënt. Immers, zo’n opname is een ingrijpend iets. Veel ex-patiënten krijgen een post-intensive care syndroom. Of zijn enorm verzwakt na opname, en kunnen echt veel minder dan voor de opname. Misschien bestaat het beeld dat je na een IC opname gewoon verder leeft, dat is niet zo. Iemand schreef: nadat ik bijgekomen was van de ic opname, en dat was na ongeveer twee jaar… Het is goed dat hier aandacht voor is.

Er is van alles te lezen en te volgen over deze dingen. Journaal, talk shows, social media, alles is gevuld met berichten over het virus. Ons land bestaat zoals gewoonlijk alleen maar uit deskundigen.”Deskundigen” die roepen dat het een schande is dat er zo weinig IC bedden zijn. Dat het discriminatie is als een 82 jarige niet eens meer naar de IC mag… dat zag ik op tv voorbijkomen. Nu was het ook niet echt een zorgvuldig item. De huisarts van betreffende man had telefonisch meegedeeld dat hij zeer waarschijnlijk niet in aanmerking kwam voor IC opname, mocht dat nodig zijn. Man kwaad, kleindochter huilend voor de camera, paniek alom. Ik zag een flard, weet dus niet hoe dat programma verder ging. Als dit werkelijk op deze manier is gebeurd, lijkt me dat nogal onzorgvuldig, voorzichtig geformuleerd.

Ik las een verhaal van een arts, van onze leeftijd, die aangaf niet naar de IC te willen, mocht dat nodig zijn, om op deze manier ruimte te geven voor iemand met (waarschijnlijk) meer overlevingskansen. Ook in mijn favo krant werd in een artikel door twee mannen, waaronder deze arts, aangeraden hier over na te denken en ook  met elkaar te praten. Dat lijkt mij een zinvol advies, praten met je naasten.

Ik realiseer me dat het uiteindelijk een vraag is of je bereid en klaar bent om te sterven. In het begin van de week waren mijn gedachten daar vrij stellig over: geen IC opname. Later, begon ik er nog meer over na te denken en te praten. Ik merkte bij mezelf dat ik het makkelijk vond een standpunt in te nemen. Vervolgens merkte ik dat de gedachte dat een Corona besmetting dus daadwerkelijk mijn dood zou kunnen zijn toch best wel een angstige gedachte is…

Coronarap

Gisteren werden op alle mogelijke en misschien wel onmogelijke manieren kerkdiensten gehouden. Vandaag zag ik dit filmpje en het is werkelijk geweldig! In alle kwetsbaarheid precies zeggen waar het over gaat.

Siemoe levavchem is Hebreeuws voor ‘Neem het ter harte!’, ‘Denk toch na!’. De Bijbelse profeet Haggai doet die oproep tot vijf keer toe aan het volk Israël. Dat bevindt zich ook in een crisis. Siemoe levavchem zegt Haggai: Hoe is die crisis tot stand gekomen en kan de situatie weer ten goede kantelen?

Wachten duurt lang

Onze kerk wordt bestuurd door de kerkenraad. Sinds een aantal jaren zijn dit de ouderlingen en de dominee. (voorheen waren diakenen ook lid van de kerkenraad) De periode dat ouderlingen ouderling zijn is vier jaar in onze gemeente. Dan ben je aftredend, en worden er nieuwe ouderlingen gekozen. Ieder jaar treedt een deel van de kerkenraad af, dat zorgt voor continuïteit.
Doorgaans vinden de verkiezingen in het voorjaar plaats. Gemeenteleden mogen namen opschrijven van mensen die ze geschikt achten om een ambt te bekleden. Zo’n briefje waarop je namen mag invullen lag gisteren in ons kerkelijke postvakje.

Al jaren wordt er gesproken en nagedacht over vrouwelijke ambtsdragers. Ik heb het idee dat ik er ook al jaren over blog. (ik verlang naar de tijd dat ik er niet meer over “hoef” te bloggen….) De synode heeft in 2017 besloten dat alle ambten open staan voor vrouwen. Momenteel is de volgende synode aan het vergaderen. Er zijn veel bezwaarschriften ingebracht tegen deze besluiten, en tegen de bijbelse onderbouwing hiervan. Waarschijnlijk komt er in april meer duidelijkheid, al is de algehele verwachting dat de besluiten op zich zullen blijven staan.

In onze gemeente is de kerkenraad nog geheel mannelijk. Er zijn wel een aantal gemeentevergaderingen over dit onderwerp geweest. Vorige maand was er een peiling en tot nu toe is het stil gebleven. Nu mogen er namen ingediend worden, van mannen, wel te verstaan.

Dat betekent dat het in ieder geval nog minstens een jaar duurt voordat er mogelijk misschien een vrouw verkozen wordt. Dat ik dat jammer vind is een understatement. Ik had het fijn gevonden als er in het kerkblad wat over geschreven was, waarom er nu nog geen besluit genomen is. Of, nog een andere optie: de verkiezingen uitstellen tot er een besluit genomen is.

Achterom en vooruit

De afgelopen week was een week van terugkijken. Jaaroverzicht op jaaroverzicht was te lezen of te zien. Gisteravond keken allernaaste en ik terug op het afgelopen jaar. We keken vooral naar wat er in ons eigen leven gebeurde.  Het was een jaar met bijzondere gebeurtenissen!

Natuurlijk de trouwdag van zoon twee, in mei. Het was een gave dag, waar we zeer van genoten hebben. Ik vond het een heel bijzonder moment om hem de kerk in te ‘leiden’.

Een volgende bijzondere gebeurtenis was de pensionering van allernaaste. Inmiddels al weer drie maanden geleden. Het is nog een beetje wennen, voor ons allebei. Tegelijkertijd: een zegen om zo samen te mogen leven.

Dit jaar was ook het jaar waarin we langzamerhand onze plaats mochten innemen in onze kerkelijke gemeente. Meer en meer wordt het ‘onze’ gemeente. Ook dat ervaren we als zegen.

We mochten weer ‘nieuwe’ mensen ontmoeten, in het echt of digitaal. Of banden met ‘oude’ mensen verstevigen. Het blijft een zegen om verbinding te ervaren.

En dan nu het nieuwe jaar… opnieuw is er in ieder geval één mijlpaal:  mijn stoppen met werken per 1 april. Dan hoop ik helemaal te stoppen. Ik heb tot nu toe geen plannen voor na 1 april. Ik wil me niet vastleggen. Ik heb vanaf mijn zeventiende gewerkt en ben nu wel zo’n beetje uitgewerkt. Ik zie er naar uit om te stoppen, al zal ik mijn ‘klanten’ ook zeker wel gaan missen.
In de kerkdienst gisteravond hoorden we een lied van Dietrich Bonhoeffer. Een bemoedigend lied. Bij dezen dus die bemoediging voor een ieder die dit leest. Ga met God!

Eeuwigheidszondag

Eeuwigheidszondag… eerlijk gezegd wist ik niet goed wat dat was. De laatste zondag van het kerkelijke jaar. Immers, volgende week begint de adventstijd. We beginnen opnieuw. Dat wist ik wel. In veel kerken worden op die zondag de de overledenen van het afgelopen (kerkelijk) jaar herdacht. In onze gemeente gebeurde dat tot nu toe, in de dienst op oudjaarsdag. Dan werd, oneerbiedig gezegd, de kerkelijke stand benoemd in de kerkdienst.

Nu dus anders. Zaterdagavond was er een Vesper, die ook dit onderwerp had. Het was vrijdag op de generale nog even heel spannend: er waren maar twee van de 8 alten aanwezig.. wat zou het worden? Het kwam goed, gister waren we met z’n vieren en dat ging prima. Het was mooi en fijn om te zingen, alleen jammer dat er erg weinig publiek was.

Ook de ochtenddienst gisteren stond in het teken van eeuwigheidszondag. In het moment voor de kinderen was aandacht voor tijd en eeuwigheid. Dat werd aan de hand van twee klokken uitgelegd. Voor zover dit uitlegbaar is. Wij leven in de tijd, bij God mogen we in eeuwigheid leven. Iets waar we ons geen voorstelling van kunnen maken. Duizend jaar zijn als één dag en één dag als duizend jaar, schrijft Petrus in een van zijn brieven. Een tekst die ik zaterdagavond mocht lezen.

Gisteren herdachten we de gemeenteleden die in het afgelopen jaar gestorven zijn. Drie personen, op relatief jonge leeftijd overleden  Familieleden van hen mochten een kaars aansteken.Een ritueel dat best veel indruk maakte. Je staat zo toch wel heel echt stil bij verdriet en rouw. Ik denk dat geen mens geen verdriet of rouw kent. Zo kunnen we gezamenlijk stilstaan bij gemis. (en hopelijk daarin elkaar ondersteunen)

Daarna zongen we dit lied:

Heer, zie ons huilen om gemis,
als aan het einde van de tijd
het dun vernis
van ons geluk breekt in de dood.
Zult u met ons zijn in dat uur,
vangt u de tranen op of engelen van u,
om hen, verloren aan de dood?

Heer, leer ons leven met de dood,
als aan het einde van de dag
de avond rood
kleurt door de ondergaande zon.
Zult u met ons zijn in de nacht,
wilt u herinneren aan uw geboortedag
die zo beloftevol begon?

Heer, geef in duisternis ons licht,
als, door de sluier van de rouw,
gebrek aan zicht
uw troost genadeloos verhult.
Zult u met ons zijn in die pijn,
wil ons tot leven wekken, helend bij ons zijn,
de hoop zijn die ons weer vervult?

t Robert Roth 160217
m Peter Sneep 161107

Mooi om dit lied te zingen! Bijzonder om zo stil te staan bij verdriet, en bijzonder om getroost te worden door zingen, lezen en luisteren.

Het lied is hier te vinden.

Wil je meer weten over eeuwigheidszondag, hoe dit in te vullen en vooral, meer liederen? Kijk dan op de website van Chiel Voerman.

O happy day

Zondag zag ik op twitter een mooie tweet voorbijkomen: “vandaag op weg naar Utrecht, om daar mijn maiden preach te houden”. Janneke Burger heeft in de afgelopen weken toestemming om te preken gekregen. Nu zou zij haar eerste preek houden. Die wilde ik dan wel graag horen. De preek was snel gevonden, nogmaals hoera voor het internet. De preek ging over Johannes 4. De ontmoeting van de Here Jezus met de Samaritaanse vrouw. Een onderwerp waar al heel vaak over gepreekt is. Dit was een preek met als thema: God in het alledaagse, een thema waar (kennelijk) de hele maand over gepreekt was.

Allereerst deed het me toch best wel wat, een vrouw in onze kerken horen preken. Overal en nergens hoorde ik weleens een vrouwelijke spreker, in een kerkdienst van “ons” had ik het nog niet meegemaakt. Nu had ik geen beeld, alleen geluid. Ik vond het mooi totaal geen preektoon te horen, wel een soort natuurlijk verhaal dat zich ontrolde.

Wat ik er uit meegenomen heb…

In het eerste deel van de preek werd gezocht naar waar mensen God in het alledaagse zien. Ook Janneke zelf gaf een aantal voorbeelden van waarin zij God in het dagelijkse leven kan ontmoeten.

Het slot van de preek ging over ontvankelijk zijn voor de Geest van God. Opmerken wat er gebeurt. De valkuil is God alleen in grootse en bijzondere gelegenheden te “herkennen”. De kunst is juist God te zien in de alledaagse dingen.Behalve ontvankelijk zijn voor de Geest, is God te vinden in waarheid. (in Johannes 4 vers 24 staat: God is Geest, dus wie Hem aanbidt moet dat doen in Geest en in waarheid”.

Gevoelig zijn voor de Geest, en ook bidden in waarheid. Dat kan massief klinken. Toch staat er in datzelfde hoofdstuk dat God de Vader mensen zoekt die hem zo aanbidden. Waarheid is dus belangrijk. Dat betekent God zoeken en ontdekken in zijn woord. Zoeken wat Hij voorheeft met deze wereld en met ons.

En nu

Deze dagen zijn allernaaste en ik een paar dagen op vakantie. Aan het uitwaaien. Een beetje uitrusten, een beetje terugkijken, een beetje vooruitkijken. Vorige week nam allernaaste afscheid van zijn werk. Pensioengerechtigd, zoals dat dan heet. We mochten een mooie afscheidsreceptie meemaken. Goede en mooie woorden in ontvangst nemen. Genieten van een prachtig lied voor vier mannen en drie vrouwen. ’s Avonds nog met de hele club uit eten.

Nu breekt er een nieuwe levensfase aan, zoals dat zo mooi (en cliché) gezegd wordt. Afscheid nemen is en blijft bijzonder. Draadjes worden doorgeknipt. Structuur verdwijnt. Onduidelijk is wat er voor in de plaats komt. Dat vinden we allebei best wel spannend. Het is een soort heruitvinding van onszelf en onze relatie.

Gisteravond aten we buiten onze (vakantiedeur). We praatten nog wat na over de preek van Janneke. Hoe doe je dat dan, gevoelig zijn voor de Geest? Ben je dan niet alleen maar bezig alles wat er gebeurt geestelijk te duiden? We bedachten dat dat ook juist de bedoeling was, God juist ook in de dingen van alledag te blijven zien. Niet alleen maar op zondag, ook / vooral in de dagelijkse dingen.

Plotseling hoorden we een liedje tijdens het eten. Een liedje van heel erg vroeger. Uit de tijd dat we elkaar net kenden, net verkering hadden. We bedachten dat dit best bijzonder was. Een liedje uit onze begintijd, dat nu na zoveel jaren ineens weer opplopt, op een soort kruispunt in ons leven. Zo komen dingen bij elkaar. De start van ons samen leven, en nu een nieuw begin.

de preek is hier te vinden,

Potpourri 2

Onlangs stond in het Nederlands Dagblad een essay met de titel: “Hunkeren naar God in prekerige erediensten”. In een aantal punten benoemde de schrijver de dingen die hij lastig vindt in een kerkdienst. Bijvoorbeeld dat je het idee krijgt een televisiekijker te zijn, je kijkt naar iets dat uitgevoerd wordt. In de meeste protestantse erediensten is er een voorganger, die zo ongeveer de hele dienst aan het woord is. Een dienst kan dan een soort one man show worden. Troost van de schrijver: we komen als gelovigen samen voor Gods aangezicht, om Hem te eren, te bidden, naar elkaar om te zien.

Ik moet zeggen dat dit artikel me aansprak. Ik ervaar de kerkdiensten soms als vervreemdend. (heb ervaren) Of zit me af te vragen wat het doel en de zin van een dienst is. Niet snel na het verschijnen van de krant ontstond een discussie op Twitter. Onder predikanten, wel te verstaan. Er moesten toch wat kanttekeningen bij dit artikel geplaatst. Een ander verwachtte veel ingezonden stukken in de krant. Inmiddels hebben een paar predikanten gereageerd. Ik denk dat social media   ingezonden brieven wat vervangen)

Onze eigen gemeente.

In de afgelopen weken hebben we in onze kerkelijke gemeente een veertigdagen project gedaan. Sinds januari dit jaar zijn de Gereformeerde kerk (vrijgemaakt) en de gecombineerde gemeente van Nederlands Gereformeerde kerk en Christelijke Gereformeerde kerk, samen gegaan. Er blijven (voorlopig?) twee wijkgemeentes bestaan.

Omdat het een goed plan leek het (kerkelijke) seizoen samen te beginnen is dit project bedacht. Een startzaterdag, startzondag hadden we begin september. In de afgelopen weken ging de preek in beide gemeentes over het zelfde onderwerp. Iedere week kwamen we in kleine groepen bij elkaar om dit onderwerp te bespreken en te onderzoeken wat er in de bijbel staat. Behalve deze kringavonden waren er ook ontspannende activiteiten georganiseerd. Ik was deel van de commissie die dit alles organiseerde. Met veel plezier en enthousiasme ben ik er mee bezig geweest. Heerlijk om weer de rust en gelegenheid te hebben om met dit soort dingen bezig te zijn. Toch erg gemist, merkte ik.

Zondag was  de laatste speciale dienst, met gezamenlijke avondmaalsviering. Het thema van deze dienst was: droomkerk. De kinderen, die meestal hun eigen programma hebben, hadden gezamenlijk een droomkerk gebouwd. Ieder kind had op een steentje zijn/ haar wens bij droomkerk geschreven.

Het was een mooie dienst, die wel heel erg vol was. Eerlijk gezegd was ik nogal moe na afloop. ’s Middags was er weer een dienst, zoals elke week. Maar niet elke week ga ik er naar toe. Door een gesprekje naar aanleiding van bovenstaand krantenartikel, wist ik dat er in  deze dienst een meditatieve stilte zou zijn, en ik was daar erg benieuwd naar.

De stilte was goed en mooi. De preek kwam echt binnen en gaf weer nieuw inzicht en licht. Mooi om een tekst uitleg te krijgen aan de hand van een film. (the shawshank redemption)

In deze dienst werd opnieuw het avondmaal gevierd. Nu alleen in de eerste vijf rijen van de kerk. Ik was dat vergeten en zat in rij vijf. Ik dacht: ik geef brood en wijn wel door, geen probleem. Echter, bij de uitnodiging tot de viering werd gezegd: misschien bent u zo geraakt door de dienst, als u wilt kunt u rustig opnieuw meevieren. Dat heb ik toen maar gedaan, in blijdschap opnieuw brood en wijn nemen. Ik dacht terug aan alle keren dat ik geen avondmaal vierde, omdat het niet kon. Niet dat het me ooit ontzegd is, wel omdat er tijden zijn geweest dat ik het niet kon vieren, met alle dingen die destijds speelden.

Zo werd dit een bijzonder weekend. Met momenten die me diep raakten. Momenten om van na te genieten, te herkauwen en te gedenken. De titel van deze beide blogs is potpourri. Potpourri kan iets geurigs zijn, geurige blaadjes die je ergens neerzet om een goede lucht te verspreiden. Een potpourri kan ook een verzameling zijn, van liedjes bijvoorbeeld. Voor mij zijn beide betekenissen van toepassing voor dit weekend.

Page 1 of 14

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén