Gesien

Gehoord, gezien, gelezen en gedacht

Alweer jarig

Vandaag ben ik 66 jaar geworden. De enveloppe met aanvraag voor AOW en pensioen is de deur uit. Die hoop ik over vier maanden te ontvangen. Dan ben ik 66 jaar en vier maanden.

Mijn oma, naar wie ik genoemd ben,  overleed eind juni 1966, een paar dagen na mijn verjaardag. Ze was 66 jaar en vier maanden. Ze was toen al maanden ziek. Het was een lange tijd van ziekzijn, en een groot deel daarvan was zij in ons gezin, waar mijn moeder voor haar zorgde. (mijn opa werkte toen nog) Uiteindelijk is mijn oma in het ziekenhuis overleden, thuisverzorging was niet meer mogelijk. Het was een erg zwaar ziek- en sterfbed. Onlangs kwam ik op twitter weer eens tegen dat mensen ‘recht’ hebben op een waardig sterfbed. En iedere keer vraag ik me af hoe waardig en sterven op een goede manier met elkaar te verbinden zijn.

Toen mijn oma stierf was ik twaalf, de oudste van vijf kinderen. Ik heb nog vage herinneringen aan die tijd, aan de ziekte van mijn oma, aan de geur van die ziekte. De naam van de ziekte werd niet genoemd. Wij kregen in die tijd telefoon, wat ik toen best spannend vond. Er kwam een echte wasmachine, in plaats van de ouderwetse die we eerder hadden. Die wasmachine werd veel gebruikt. Het was een bijzondere tijd, een donkere tijd.

Mijn moeder was nog erg jong toen haar moeder stierf. Inmiddels is ze bijna negentig jaar. Wij mogen al heel wat meer jaren van een moeder genieten dan zij kon. Vanmorgen gingen we bij haar op de koffie, voor mijn verjaardag. Fijn dat dat kan. Als verrassing kreeg ik een fotoalbum mee in bruikleen. Het album met de foto’s die mijn vader tijdens zijn dienstplicht in Indië gemaakt heeft. Natuurlijk heb ik deze foto’s vaker gezien. Ze waren een tijdje onvindbaar, en nu hervonden. Ik ga ze nog eens goed bekijken. Het is jammer dat er geen verhalen bij staan en dat we weinig over deze tijd gehoord hebben, of misschien ook wel niet echt over doorgevraagd hebben. Ik doe het maar met de beelden, ook daar ben ik al blij mee!

 

Geluk

Als ik auto rijd heb ik meestal de radio aan, radio 1 is de favoriete zender. Nieuwsflitsen, beetje muziek. Van de week hoorde ik een gesprek met een geluks expert. Geluksprofessor, staat op zijn website. Hij vertelde dat er maar twee dingen zijn om gelukkig(er) te worden: je gedrag veranderen en je gedachten veranderen

Wat een geluk dat het zo simpel is! Even anders denken en doen en je bent gelukkig… En als je niet gelukkig bent, jammer dan, moet je maar anders denken. Dan heb je geen succes en heb je toch wel gefaald. Is dat niet een beetje zoals vaak gedacht wordt? Het eigen schuld, dikke bult? Al realiseer ik me best dat je gedachten grote invloed hebben op je gevoelens. “Het is zoals het is, Margé”, zei een van mijn klanten vaak. Om vervolgens moedig door te gaan met leven. Dat is zeker helpend. Doorgaan, leven met dat wat er is. Zonder last te hebben van de dingen die er niet zijn.

Mensen kunnen afgerekend worden op het succesvol zijn. Of op het gegeven dat ze dat niet zijn, maar falen. Falen hoeft niet een gevolg te zijn van niet slim handelen. Het is heel vaak zo dat de een meer kansen en mogelijkheden heeft of krijgt dan een ander. Dat begint al met waar je wieg staat, wat voor opvoeding je krijgt. Iedere stap kan een stap naar het goede zijn of naar het mindere.

Hoe kijken we naar mensen die (in onze ogen) minder succesvol zijn? Lopen we hen voorbij, of willen we juist graag helpen? Iemand schreef op facebook: ik geef veel liever dan dat ik ontvang, dat kan ik niet zo goed. Ook dat zette me weer aan het denken. Hoe werkt dat dan? En als je ontvangen moeilijk vindt, kun je dan wel de liefde en genade van God ontvangen? Of geef je God liever je goede daden? Open handen, ze zijn soms best moeilijk, ik herken het wel.

Het kan je een goed gevoel geven om te geven. Het streelt je ego. In het Nederlands Dagblad las ik een column over geven en ontvangen in corona tijd. De aanbiedingen voor hulp vlogen de lucht in en er was bijna geen vraag. Durven mensen geen hulp te vragen, ben je dan te afhankelijk? De uiteindelijke conclusie van deze column was dat het niet om hulp vragen, of hulp geven gaat, maar om de verbinding. Voel je je werkelijk verbonden met elkaar?

Ga op zoek naar dat wat je verbindt met die “falende”ander en zoek samen een weg. Een weg waarin je elkaar tot een hand en een voet kunt zijn. Steek dan ook je hand uit als je iets van een ander nodig hebt, zodat een ander je hand kan vasthouden. Nou ja, figuurlijk dan, in deze tijden!

 

Aanraken

Al worden heel langzaam de maatregelen versoepeld, het blijft lastig elkaar niet aan te mogen raken, niet even een arm om iemand heen te slaan. Het lijkt zo ver weg, de tijd dat dat kon. Als ik nu een film of reportage zie waarin mensen wel dicht bij elkaar zitten, heb ik bijna de neiging te roepen dat dat niet mag… helpt ook echt, roepen naar de televisie. Het lijkt er op dat het niet aanraken al behoorlijk ingeburgerd is. Die anderhalve meter blijf ik lastig vinden.

Ter lering en vermaak een liedje!

OER

In de afgelopen dagen las ik het boek OER. Het grote verhaal van nul tot nu, is de ondertitel. Geschreven door Corien Oranje, Cees Dekker en Gijsbert van den Brink. Een theologe/schrijfster, een nanobioloog, en een hoogleraar theologie. In dit boek(je) gaat het over hoe de geschiedenis van de aarde gebeurd zou kunnen zijn. Met als uitgangspunt niet het scheppingsverhaal uit Genesis, en wel de gedachte dat alles uit evolutie is ontstaan. Echter niet een evolutie met een spontane oerknal en dan verder, wel een evolutie door een doordacht scheppingsplan en onder “redactie” van God.
( Evolutie is het biologische begrip waarmee het proces van verandering in alle vormen van leven van generatie op generatie wordt aangegeven. Evolutie kan worden gedefinieerd als de geleidelijke verandering in populaties door overerving met variatie en natuurlijke selectie. bron: wikipedia.)

In de eerste hoofdstukken wordt verteld hoe het heelal is ontstaan. Ik zeg dat nu in een zin, uiteraard is het veel uitgebreider. Ik weet totaal niets over hoe en op welke manier,  alles ontstaan zou zijn door evolutie. Voor mij is dit dus nieuwe geschiedenis.

De hoofdpersoon in het verhaal is Proton. (de naam betekent begin, hij is onderdeel van een atoom) Als onderdeel van een atoom is hij steeds opnieuw onderdeel van grotere gehelen, het hele boek door. Nadat uit de doeken is gedaan hoe de aarde ontstaan is, volgt de geschiedenis zoals we die in de bijbel lezen. Opnieuw gezien vanuit het gezichtspunt van Proton. Hij maakte zelfs de openbaring van Johannes mee. Het boek eindigt met een verhaal over een ruimtevaartcapsule. Astronauten cirkelen rond de aarde. Ze vertellen aan elkaar dat er een tijd was waarin de aarde ineens veel schoner was. Dit kwam door een of ander virus dat over de aarde raasde, waardoor allerlei zaken stil kwamen te liggen…..

Ik heb dit boek in een paar dagen uit gelezen. Het is leuk en boeiend geschreven, het perspectief is knap gevonden en uitgewerkt. Of het eerste deel van het verhaal “klopt”, geen idee. Ik werd geraakt door het tweede deel dat de bijbelse geschiedenis vertelt. Ik ken de verhalen, de bijbelboeken. In dit deel raakte me (opnieuw) de trouw van God. Het geduld dat Hij met de mensen heeft, de liefde die Hij laat zien in zijn trouw. Dat vond ik hartverwarmend.

Christen zijn en denken over evolutie is een combinatie die een aantal jaren absoluut niet kon. Ik ben opgegroeid met het scheppingsverhaal. Met daarbij de waarschuwing: laat je dit los, dan laat je de bijbel vallen. Het hellende vlak verhaal.

Het bijzondere van dit boek is dat het het verhaal zoals verteld in Genesis, de eerste hoofdstukken, loslaat en tegelijk de hand en de liefde van de Schepper heel duidelijk laat zien.
Op 14 mei is het eerste exemplaar uitgereikt, inmiddels is een tweede druk in de maak. Ik las een lovende recensie in het Nederlands Dagblad en een nog lovender recensie in Trouw. Dat kopt: “Het briljante Oer zou zomaar eens het beste theologische boek van het jaar kunnen worden.”
Ik denk dat dit een boek is dat  best veel stof doet opwaaien. Ik ben benieuwd hoe het eruit ziet als het stof weer is neergedaald!

Weerzien

En dan stap je weer naar binnen, na ruim twee maanden, alsof je er gisteren nog was…. Dat gebeurde gisteren. De begroeting was onwennig. Hallo allemaal, daar bleef het bij. Iets met corona enzo.

Het was fijn om weer bij schoondochter en kleinkinderen te zijn. Ik mocht assisteren/ toezicht houden of wat het ook was, bij het maken van het schoolwerk, zodat hun moeder boven rustig kon werken.

Ik ben weer bij met spelling, rekenen, begrijpend lezen in groep vier en zes. Het schoolwerk was in een ochtend gepiept. De ene leerling had meer te doen dan de andere leerling, de ene leerling was ook wat meer gemotiveerd dan de andere. De een vond een boek, waaruit wel 30 minuten gelezen moest worden, saai. Dertig minuten oma, belachelijk! Wat een saai boek, geen uitdaging. Ik doe het niet, ik ga de Donald Duck lezen. Nadat we tot de conclusie kwamen dat daar misschien evenmin veel uitdaging in zat, en vervolgens bleek dat dertig minuten gewoon dertig  minuten zijn, ook bij oma’s, werd er soort van gedwee gelezen. Natuurlijk hielden we ook een pauze, en volgens de kinderen was dat een schermpauze. Hetgeen betekent dat je juist dan op je schermpjes zit. Zo hobbelden we de lesdag door. Ik leerde veel, en hopelijk de kleinkinderen ook nog wat. Na de lessen gingen we nog naar buiten, touwtje springen, elastiek twisten, ik wist niet dat dat nog gedaan werd! Na al deze inspanningen aten we nog een ijsje en was de dag alweer voorbij.

Mijn respect voor alle thuiswerkende en dan ook nog onderwijzende ouders is enorm! In mijn beleving is het (bijna) niet te doen om je kinderen te begeleiden met hun schoolwerk, en ook nog zelf je werk te doen. Applaus voor de ouders! En de mensen op de scholen die zich zo inzetten om mooie lespakketjes te maken voor de kinderen. Bedankt!

Achterom kijken

In de afgelopen week was het twintig jaar geleden dat een wijk in onze stad in de as werd gelegd. Een opslagplaats voor vuurwerk ontplofte, waardoor is nooit opgehelderd. Drieëntwintig mensen stierven door deze brand, zo’n duizend mensen raakten (lichamelijk) gewond. Die dag was een stralende dag, het was erg warm, straten en terrassen waren vol. Doordat zoveel mensen al buiten waren is het aantal slachtoffers relatief laag gebleven. De vuurwerkramp is en blijft een grote wond in de stad, ook al is de wijk herbouwd en lijkt het of het leven is herpakt.

Voor ons was de ramp schokkend, we weten allen in ons gezin nog wat we deden op het moment van de ramp.De angst en de paniek heeft alleen allernaaste deels meegemaakt. We waren daar in de buurt aan het wandelen en hij wilde ‘even’ een brand zien, toen de rookwolken zichtbaar werden. Overige beelden kennen we van de tv. De stille tocht liepen we als gezin mee.

Maar dichterbij dan dat kwam het niet. Een paar dagen later werd onze aandacht naar binnen gekeerd, doordat een van de zonen ernstig ziek bleek en met spoed in het ziekenhuis werd opgenomen. Uiteindelijk viel de diagnose mee, een relatief onschuldige ziekte die door een erfelijke bloedafwijking zeer versterkt werd. Dit werd pas na een week duidelijk, en als er in de eerste dagen alleen maar onderzoeken gedaan worden die een dodelijke ziekte uit kunnen wijzen, dan zijn dat barre tijden. (het is allemaal goed gekomen en met die bloedafwijking valt prima te leven)

Voor ons is zo de vuurwerkramptijd een dubbele tijd. We keken deze week naar een documentaire. (na de klap). Behalve dat was er niet zo heel veel te zien en mee te maken omdat de herdenking in zeer kleine kring moest.

Het tweede terugkijken was gisteravond. Het afscheidsconcert van Elly en Rikkert Zuiderveld. Na vijftig jaren in het vak, is het tijd om te stoppen. We hadden kaarten voor een van de afscheidsconcerten. Die niet doorgingen. Internet is onze grote vriend in coronatijden, en daardoor konden we alsnog kijken. Wat een mooi en bijzonder concert. Wat een mooie en bijzondere mensen is beter. Muziek met een lach en een traan, vlijmscherpe teksten soms. Ik was geraakt en ontroerd door de mooie teksten, warme muziek, warmte in en bij de begeleidingsgroep.

Elly en Rikkert, ik geloof dat ik hun muziek al kende voor ze tot geloof gekomen waren. Daarna heb ik hen deels gevolgd. De kinderliedjes zijn het meest bekend voor mij. Al fietsend zongen jongste zoon en ik “Jezus is de goede herder”. Oude tijden, mooie tijden. Ik merkte gisteravond dat ik een tijd uit hun carrière gemist heb, hoorde ineens liedjes die ik niet kende. Zo wordt een afscheid een hernieuwde kennismaking! Het voelt als een afsluiting van een tijdperk. Een afscheid. Met een traan.

Kerk en corona

Eerlijk gezegd weet ik niet precies meer in welke week van het corona gebeuren we zijn beland. De dagen en weken rijgen zich een beetje aaneen, vooral nu ik niet meer werk. Het is zoals het is. Dat is ook wel zo, maar soms is het lastig dat het zo is.

Inmiddels zijn kerkdiensten online het nieuwe (ab) normaal. Hebben we thuis avondmaal gevierd. Genieten we iedere zondag opnieuw van een creatieve actie van onze koster, kunnen we iedere week bemoedigd worden door een meditatief moment. Een anonieme bloemengever uit de gemeente (?) bereikte ook ons huis, waarvoor nogmaals dank.

In kranten en social media blijven theologen over elkaar heen buitelen. De discussie over het avondmaal hebben we denk ik wel zo ongeveer gehad. Het volgende gesprek ging over het al dan niet dopen in deze tijd. Uiteraard zijn daar weer verschillende meningen over te ventileren. Naarmate het langer duurt voor we weer naar de kerk kunnen wordt het wel wat urgenter. Ik kwam diverse suggesties tegen: ouders zelf laten dopen, wel in de kerk, de dominee die doopt gekleed in een beschermend pak, zoals op de IC. Of een stok met schelp gebruiken door de dominee. Of even de adem inhouden tijdens de doop, dit omdat vooral bij het ademen de kans op verspreiding van het virus het grootste is. Of thuis door de ouders laten dopen.

illustratie afkomstig uit Nederlands Dagblad

Aan originaliteit in ieder geval geen gebrek. Na deze problemen is nu nog een probleem opgedoken. Zingen schijnt het ultieme virusverspreidingsmiddel te zijn. (Ik las vandaag in Trouw een alarmerend verhaal over een koor waar heel veel mensen besmet raakten, begin maart, toen alles nog kon en mocht)

Het is mogelijk om binnenkort toch weer kerkdiensten te houden, met een klein aantal mensen. Zingen in de kerk is niet zo heel gezond en zou afgeraden/ verboden kunnen zijn. Het Nederlands Dagblad had onlangs een pagina meningen over kerkdiensten zonder zingen. Ook hier was verdeeldheid.  God gebiedt ons te zingen, vertelde iemand. Een ander proclameert door het zingen dat God koning is. Een kerkdienst zonder zang is bijna niet voor te stellen. Er is weer iets nieuws om ons mee bezig te houden. Het zijn vooral theologen die hierover schrijven (en twitteren). Ik ga uit van hun goede bedoelingen en het serieus bezig zijn/ denken over doop/ avondmaal in deze tijd. En toch puzzelen deze dingen me. Zijn dit nou de zaken waar we ons nu druk over moeten maken?

Gisteren lazen we uit Exodus 19. Het volk Israël is Egypte uitgetrokken, heeft al een reis door de woestijn gemaakt, en gaat de wet ontvangen. God gaat in gesprek met het volk, met Mozes als boodschapper. Gods heiligheid staat voorop. Het volk moet zich reinigen en rein blijven. God zegt hier (vers 6): een koninkrijk van priesters zul je zijn, een heilig volk. Petrus herhaalt dit in zijn brief, ook hij zegt: u bent een koninkrijk van priesters, een heilige natie. Ik vraag me dan af in hoeverre we priesters mogen zijn als in kerken alles alleen door predikanten gedaan wordt.

Door dit hele gebeuren  verlang ik terug naar de tijd van Urban Expression. Terug naar de basis van het kerk-zijn in een pioniersgemeente. De tijd dat we daar actief lid van waren en eigenlijk de mooiste avondmaalsvieringen meemaakten. Gewone broodjes, waar we stukjes vanaf scheurden en het elkaar gaven met de woorden: Christus is ook voor jou gestorven. Nooit kwam het meer binnen bij mij dan die keren. Of die enkele keer dat we binnen ons eigen team avondmaal vierden, omdat het in onze beleving in de kerkelijke gemeente niet meer mogelijk was. We vierden avondmaal met ons zespersoons team. Indringend en dichtbij.

Het is niet mijn bedoeling een theologische discussie over ambten aan te zwengelen. Ik verbaas me over alle energie die gestoken wordt in het nadenken over hoe en wat. Waar blijven onze handen uit de mouwen? En deze laatste vraag stel ik net zo goed aan mijzelf!

De vrouw en het woord

Sinds een aantal weken hebben we in onze gemeente op woensdagavond een meditatief moment. Geen kerkdiensten in het echt, geen enkele ontmoeting. Dan kan het fijn zijn halverwege de week bemoedigd te worden. De eerste twee overdenkingen werden door de beide predikanten verzorgd, de rest door gemeenteleden. Door ziekte van de oorspronkelijke spreekster, mocht ik vorige week woensdag als eerste gemeentelid de meditatie verzorgen. Ik had al snel bedacht wat ik wilde doen. Om het vervolgens echt uit te werken, was een de volgende uitdaging.

Uiteindelijk kreeg ik mijn verhaal op papier. Woensdagavond zelf vond ik nog wel spannend. Ik heb het nog nooit eerder gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan, is niet helemaal mijn lijfspreuk.

Ik had me niet gerealiseerd hoeveel werk zo’n uitzending is. De koster was paraat, evenals enkele mannen die zich bezig hielden met techniek. Ik kwam even de kerk binnenwandelen, deed mijn verhaal en kon weer gaan. Ik kwam als laatste en ging als eerste weer weg. Hieronder de tekst:

Overdenking woensdag 22 april 2020

Fijn dat we elkaar hier weer digitaal mogen ontmoeten.Fijn dat we in een land leven waarin we dit in vrijheid mogen doen. Eerst luisteren we naar een bewerking van psalm 16. Enkele woorden uit deze psalm:

Behoed mij God, ik schuil bij U. Heer, mijn enig bezit, mijn levensbeker, U houdt mijn lot in handen. U wijst mij de weg naar het leven: overvloedige vreugde in uw nabijheid, voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde.

We leven in spannende tijden. Ik ben bang, bang voor mijzelf, bang dat mijn oude moeder en schoonmoeder ziek worden. Wat als ik zelf ziek word, of mijn man?  Wanneer kan ik weer naar de kapper?  Wat gebeurt er in vluchtelingenkampen? Wat in Afrika, als daar het virus  echt losbarst? Hoe ziet ons veilige leventje er straks uit? En wanneer is dat straks? Oftewel, hoe lang gaat dit duren?  Mogen we ooit nog weer naar de kerk? Hoe dan? Dan kunnen er zomaar allerlei vragen opploppen.

Waar is God? Wat doet Hij? Waarom gebeurt dit?

Ik kom allerlei gedachten over het waarom van deze crisis tegen. En ik word er soms erg moe van, tegelijk kan ik niet goed stoppen met alles te lezen en alles te volgen. Het lijkt of we er makkelijker mee kunnen dealen als we weten waarom dit gebeurt.

Op de radio hoorde ik iemand zeggen: ik wou dat ik in God kon geloven, en dan zou kunnen denken dat dit een straf van God is, dan kan ik er veel makkelijker mee om gaan. Ik vond het wel bijzonder dat er dan aan een straf gedacht werd, wat voor beeld heb je dan van God? Zo is onze cultuur, we willen weten waarom iets gebeurt. Dan heeft het zin, zo lijkt het.

Terwijl de gebeurtenissen op zich even erg blijven, of je nu wel of niet weet waarom iets zo gebeurt.

Wat barre tijden betreft is er niets nieuws onder de zon.

We gaan nu terug naar de tijd van  de ballingschap van het volk Israël. Het volk was weggevoerd naar Babel. Dit was een straf voor hun slechte gedrag. Ze waren vaak gewaarschuwd en gingen alsnog hun eigen gang. De straf was de wegvoering uit Israël, naar Babel.  Al veel jaren wonen daar. Ze zijn er gesetteld. Ze hadden van God de opdracht gekregen daar huizen te bouwen, tuinen aan te leggen, huwelijken aan te gaan, kinderen te krijgen.

Kortom: leef daar, ver van je eigen land, je leven. Bovendien kregen ze de opdracht te bidden voor de stad waar ze naar toe gebracht waren. Want, zo zegt God: de bloei van de stad is ook jullie bloei. (je kunt hier over lezen in Jeremia 29) Er zal een hele generatie opgegroeid zijn in het verre Babel die het  vaderland niet kent.

Dan komt die  oproep/ mogelijkheid/opdracht,  om weer terug te gaan naar hun eigen land. Durven ze dat aan? Hun relatief veilige omgeving verlaten, terug te gaan naar een land dat er verwoest bij lag? Wat ze niet eens meer kenden.

God laat deze woorden spreken door Jesaja. Ik lees een paar verzen uit hoofdstuk 40, hierin laat Hij  zien wie Hij is. Je wordt stil als je leest hoe groot God is: Wie heeft de wateren met holle hand omvat, de hemel gemeten met een ellemaat?  Wie heeft het stof van de aarde met een maatlepel afgepast?

Wie heeft de bergen gewogen op een weegschaal, de heuvels met balans en gewichten?

Wie heeft de geest van de Heer gemeten? Heeft iemand hem ooit raad gegeven?

Wie raadpleegt hij, wie biedt hem inzicht? Wie lijdt hem op de paden van het recht? Wie lijdt hem naar de wijsheid? Wie toont hem de weg van het inzicht?

In zijn ogen zijn de volken als een druppel in een emmer, als een stofje op de weegschaal; eilanden weegt hij als zandkorrels.

Hoofdstuk 40 vers 28: een eeuwig God is de Heer, schepper van de einden der aarde. Hij wordt niet moe, hij raakt niet uitgeput, zijn wijsheid is niet te doorgronden.

Hoofdstuk 41 vers 10: wees niet bang, want ik ben bij je, vrees niet, want ik ben je God.

Deze woorden zijn een bemoediging voor het volk. Deze grote God, die de hele wereld in zijn hand heeft, die alles naar zijn wil laat gebeuren, deze grote God zal voor hen zorgen, zal het troosten, zegt dat hij altijd bij hen zal zijn.

Ik vind dat een wonder! Gods macht en kracht, de god die hemel en aarde gemaakt heeft, die de wereld bestuurt, die God kijkt naar ons om. Hij zegt: wees niet bang, want ik ben bij je.

Deze grote God zorgt nog steeds, dat heeft Hij beloofd ook door de woorden van zijn zoon Jezus Christus, vlak voor de Here Jezus naar de hemel ging: ik ben met jullie alle dagen van jullie leven.

Deze God is erbij, ook in tijden van Corona. Niet dat dan alles in een keer een eitje wordt. Niet dat alleen zitten dan ineens leuk wordt. Dat was niet de belofte van God, een leuk leven geven.

Wel weten we dat we aan de hand van de vader mogen lopen, dat Hij erbij is!

We luisteren nu nog naar een psalm, uit de bundel psalmen voor nu. Psalm 16 uit psalmen voor nu.

Kreuzweg

Vanavond zag ik deze film. Een veertienjarig katholiek  meisje (Maria)  is zich aan het voorbereiden op het vormsel. Volgt daartoe lessen bij een priester. Maria is bloedserieus en wil een heilig leven leiden. Steeds meer op God gericht zijn en steeds minder gericht op het aardse leven. Dat betekent voor haar dat het niet meer belangrijk is hoe ze er uit ziet, niet mag genieten van de mooie dingen van dit leven. En juist daardoor is ze constant bezig met letten op haar eigen gedrag en woorden en gedachten.

De film is ingedeeld in veertien korte delen, aan de hand van de staties van het lijden en sterven van de Here Jezus. (zoals die in de rk kerk gezien worden) Iedere statie is een scene uit het leven van Maria. Ze groeit op in een streng katholiek gezin, dat lid is van een bepaald deel van de rk kerk. Een kerk vol regels en weinig genade. Door zonden te doen kom je in de hel of het vagevuur. Er zijn zonden en doodzonden. De laatsten leiden tot de hel. Een doodzonde is overspel. En alle sexualiteit buiten het huwelijk is overspel. Bizar vond ik de biecht die Maria aflegde (geen idee of dat zo heet), vlak voor ze het vormsel kreeg. Als veertienjarige voelt ze zich aangetrokken tot een klasgenoot. Dit biecht ze op aan de priester, die haar helemaal uithoort over wat ze gedaan heeft met die jongen (samen huiswerk gemaakt) en wat ze gedacht heeft over deze jongen. Misschien mijn eigen dirty mind, maar ik had het idee dat de priester bijna zat te genieten van zijn vragen.

Uiteindelijk offert Maria zich op, ze sterft. En op het moment dat zij sterft, zegt haar vierjarige broertje zijn eerste woorden… haar offer levert iets op.

Ik vond dit een bijzondere film, beklemmend. Hoe kun je op deze manier geloven en leven? Tegelijk herken ik sommige dingen wel, helaas. Gelukkig niet uit mijn eigen leven. Ik denk dat deze manier van denken en het  geloof gelijkstellen aan het volgen van regels en je onthouden van bepaalde soorten muziek bijvoorbeeld, echt nog wel voorkomt. Helaas.

Het is bijna Pasen, we vieren de overwinning op de zonde door de Here Jezus. We mogen vrij voor God staan. Leven uit genade, leven uit zijn liefde. We hoeven niet voortdurend op ons zelf gericht te zijn om te zien of we het wel “goed” doen. We doen het goed, dankzij de liefde en genade van God!

Langzaam leven

Ik voel me momenteel een beetje een slak. Langzaam, heel langzaam verder. Bij ‘gevaar’ trek ik me terug in mijn veilige hokje, wil ik even niet weten wat er gebeurt of gebeurd is. Daarna ga ik er weer uit, mijn voelsprieten uitgestoken, om op te vangen wat er gebeurt. Het lijkt wel of door de kleine wereld alles heftiger binnen komt dan anders.

In de afgelopen week stierf een (aangetrouwde) neef, na een ziekbed van vier weken. De begrafenis volgden we via internet. Dichtbij en toch veraf. Verbonden door internet, verdriet en geloof. Een andere (aangetrouwde) neef belandde op de intensive care, door corona. Momenteel lijkt hij wat aan de beterende hand. Angstvallig volg ik de berichten op televisie. Om er vervolgens moe van te worden, want al die tegengestelde berichten geven nog meer onrust. Ik duik maar weer in mijn veilige huisje met mijn haakwerkje. De stapel dingen die ik wil haken wordt steeds hoger…

Ik vlucht maar weer in het internet. Chat wat met de een, raak met een ander na jaren weer in gesprek, ontmoet weer een ander op een dieper niveau dan voorheen, lees de zoveelste discussie over de gevolgen van deze pandemie. Volg een discussie over hoe avondmaal te vieren in deze tijden, de een zegt doen en de ander zegt laten. Beide keuzes gaan gepaard met grote woorden. Grote woorden zijn een valkuil in deze barre tijden merk ik. Ook ik laat me verleiden.

Dank aan onze kerkenraad die besloten heeft een digitale viering te organiseren, aanstaande donderdag. We zien er naar uit, en vinden het wat onwennig. Net zo onwennig als meezingen met een internet kerkdienst. Tegelijkertijd dankbaar dat het kan, zo de diensten vieren. Vanmorgen was er als kindmoment een filmpje waarin kinderen vertelden wat deze tijd met hen doet, wat ze doen, wat ze missen. “we missen opa en oma”, kwam verschillende keren voorbij. Ja, wij missen jullie ook! Al is contact via ZOOM fijn, het is een beetje behelpen. Net zo behelpen en net zo fijn is het een filmpje van je kinderen te ontvangen, nog ter ere van je stoppen met werken. Ik ben gezegend met zoveel lieve mensen, zoveel liefde.
En toch….

Pagina 2 van 45

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén