Gesien

Gehoord, gezien, gelezen en gedacht

Golda

Ik blijf nog een beetje in midden-oosten sferen hangen. Hoe kan het ook anders, nu de gebeurtenissen daar het nieuws beheersen. Vorige week zag ik de film Golda. Niet meer te zien in ons eigen stadje, dan maar een paar stadjes verderop. Met dank aan de “vrijreizen” dagen van NS.

In een soortgelijk filmhuis als waar we hier meestal naartoe gaan, zag ik de film. Samen met tien anderen. Zo jammer dat filmzalen zo leeg zijn. Ik heb zeer geboeid zitten kijken. De film gaat over de oorlog in 1973 tegen Israël. Op Jom Kippoer, (grote verzoendag) vielen Egypte en Syrië Israël binnen. Het land was totaal overrompeld. Golda Meïr, toen premier, moest beslissingen nemen. We zien vergaderingen met de regering, en met legerofficieren. Hoe te handelen? Landkaarten werden uitgerold op de tafel, luchtfoto’s getoond. Vergeleken met nu was het bijna primitief te noemen.

In die  vergaderingen zag het blauw  van de rook, met Golda als kampioen roker. Een en al stress en spanning. Ook toen wilden de aanvallers Israël van de kaart vegen. De eerste dagen waren zeer hachelijke dagen. Uiteindelijk schiet Amerika te hulp en dat verandert de strijd. Na deze oorlog treedt Golda Meïr af en ze sterft vier jaar later. Ze leed aan kanker en in de film is te zien hoe ze tussen de bedrijven door bestralingen onderging.

Het is boeiend om te zien hoe zij de toenmalige minister van buitenlandse zaken van Amerika (Henry Kissinger) weet om te praten (voor zover het gebeurd is zoals het gefilmd is) Of hoe ze omgaat met de hoge heren van het leger. De aantallen slachtoffers van de oorlog schrijft ze in een boekje. Ze beseft heel goed de gevolgen voor het leger en de bevolking. Het was een zaak van leven of dood, van voortbestaan als natie of vermorzeld worden.

In de recensie van deze film in het Nederlands Dagblad werd als minpuntje genoemd het ontbreken van actie. Het klopt dat je geen oorlogsscènes  te zien krijgt. Wel hoor je de strijd en dat vond ik al heftig genoeg. Ik was in die tijd druk bezig met mijn opleiding tot verpleegkundige, mijn beginnende relatie met allernaaste. Kortom, mijn wereld was niet supergroot en destijds kwam nieuws veel minder dichtbij. In die tijd kwamen ook de autoloze zondagen. Noodzaak omdat de olievoorraad bevroren werd. Beelden hiervan zijn nog op internet te vinden.

En nu wordt er nog steeds gevochten in Israël en vooral Gaza. Gevechtsacties gericht tegen Hamas met grote gevolgen voor de Palestijnen. Gisteren kwam nieuws binnen over het lot van een van de gegijzelden. Een nachtmerrie. Wie kan hier goede beslissingen nemen? Wie is wijs? En in veel landen zijn demonstraties, helaas veelal anti-Israël. Komt het ooit goed? En wat is dan goed?

In 2018 is onderstaand filmpje gemaakt. Indrukwekkend. Maar ook hierbij vraag ik me af of dat nu nog gemaakt zou kunnen worden of dat er inmiddels zo onwijs veel strijd is geweest dat ook dit niet meer mogelijk is.

Luchtalarm

Het bijbelboek Openbaring vind ik een moeilijk boek, ook al heb ik er veel over mogen leren tijdens mijn opleiding Kerkelijk werk in Zwolle. Als je een docent hebt die op dit boek gepromoveerd is, is dat niet zo vreemd. Toch blijf ik het een lastig/ moeilijk boek vinden. Vooral in tijden waarin de ene na de andere oorlog uitbarst en natuurrampen al bijna geen nieuws meer zijn. Wat betekent dit alles?

Aflopen zondag lazen we enkele delen uit de Openbaring. Eerst uit hoofdstuk 8, over zes bazuinen. Heftige dingen worden daar beschreven. Een engel blaast op een bazuin en dan gebeurt er van alles. Een derde deel van de aarde brandt af en een derde deel van het groen. Nog een engel met een bazuin en het water wordt bitter als alsem. Er wordt een berg waar de vlammen uitslaan, in de zee gegooid.

Daarna lazen we uit hoofdstuk 9 vers 20 en 21, waar staat dat de mensen die deze plagen overleefden hun eigen goden bleven volgen. Ze braken niet met hun slechte leven.

De preek ging over Openbaring 14 vers 6 en 7:
Toen zag ik opnieuw een engel, die hoog in de lucht vloog. Hij had een eeuwig evangelie, dat hij bekend moest maken aan de mensen op aarde, uit alle landen en volken, van elke stam en taal. 7Luid riep hij: ‘Heb ontzag voor God en geef Hem eer, want nu is de tijd gekomen dat Hij zijn oordeel zal vellen. Aanbid Hem die hemel en aarde, zee en waterbronnen geschapen heeft.’

Tja, wat betekent dit nu allemaal? En wat voor beelden hebben wij, heb ik, bij deze teksten? Natuurlijk heb ik over al die plagen gelezen, uit hoofdstuk 8. Het leek me iets abstracts, woorden zonder echte beelden, gevoelens. Tot in de preek gezegd werd: de regenwouden worden gekapt, bomen verdwijnen in grote aantallen. We horen over vulkaanuitbarstingen, over aardbevingen. We vervuilen het water, de oceanen zijn bezaaid met plastic, door overbevissing raken de zeeën leeg. Allemaal acties van onszelf. Maar door deze acties is er al heel veel groen verdwenen, water ondrinkbaar geworden. Dat wat voorzegd werd gebeurt. En het gebeurt omdat wij mensen zo hechten aan veel. Het is wrang om te bedenken in andere delen van de wereld veel schade ontstaat omdat wij hier in het westen zoveel spullen en voedsel “nodig” hebben….

Deze uitleg kwam wel binnen! Bijzonder ook wel om die beide verzen uit hoofdstuk 14 te lezen: aanbid Hem die hemel en aarde, zee en waterbronnen geschapen heeft. God die alles maakte, zo luidt een kinderliedje, dat eindigt met: zorgt ook voor mij. Dat God zorgt staat vast en er valt niets uit zijn hand, al is dat soms moeilijk te geloven. Niet voor niets staat dit zo in de bijbel, is dit aan ons gegeven. Dat God alles geschapen heeft, dat wij voor de schepping mogen zorgen. Dat dat op een rechtvaardige manier moet. Nadenken over wat je koopt, wat je eet, hoe je reist. Werk aan de winkel en tegelijkertijd rust vinden bij God.

Ik vind het soms wel makkelijk om soms de kop in het zand te steken en niet te hoeven zien en denken. En dan ineens word je weer geconfronteerd met veel dingen tegelijk. Zoals deze preek. Overigens hier terug te kijken: https://www.youtube.com/watch?v=eyqXQndQ8RU  Aan het einde van de dienst zongen we een lied van Sela: een toekomst vol van hoop. Fijn om hiermee de kerk  uit en de week in te gaan.

In deze afgelopen week waren we in het Rijksmuseum Twente. Daar is een tentoonstelling met de titel: Van wie is het (platte) land? We zien allerlei ontwikkelingen in het platteland. Oorspronkelijk bedacht en aangeprezen als vooruitgang. Inmiddels kantelt dat beeld. Het is een zeer afwisselende tentoonstelling, met schilderijen, beelden, verhalen, stellages. Schokkend af en toe. Schokkend om ook hier te zien hoe de mens de aarde niet alleen gebruikt maar ook misbruikt en uitput.

<– een van de stellages die te zien zijn.

 

 

Waar te beginnen?

Morgen ben ik dienstdoende ouderling en mag ik voorgaan in gebed. Het gebed voor kerk en wereld. Ik schrijf het uit, omdat ik (nog) niet de vrijheid heb om zo, spontaan, te bidden. De hele dag ben ik er al in gedachten mee bezig. In grote lijnen weet ik wat er in de gemeente speelt en waarvoor gebeden en gedankt mag worden. Maar dan verder.

Hoe bid je voor de strijd in het midden oosten? De hele afgelopen week was het daar hels. Een uitbarsting van het kwade, gericht op vernietiging, over en weer. Bruut geweld. Ellende. Wat gebeurt er als grote mogendheden zich daadwerkelijk in de strijd mengen? In ons land is het (tot nu toe) een verbale strijd, die ook heftig is. Iedereen heeft een mening en waag het niet om oneens te zijn met mijn mening. Zeg je iets over Israël, dan moet je toch zeker iets over Palestijnen zeggen. Zeg je iets over Palestijnen dan moet je ook iets over Israël zeggen. Zo houden we elkaar bezig en zo blijven mijn gedachten malen. En komen vragen op. Wat betekent dit alles?

Gisteren gingen zusje en ik naar de brei- en haakdagen in Zwolle. We dompelden ons onder in de wereld van wolletjes en patronen en nog meer wolletjes. Een andere wereld, een vlucht in het veilige. Een dag zonder nieuws.

’s Avonds gingen we naar een concert van Adrian Snell, Alpha & Omega werd uitgevoerd. Opnieuw genoten we ervan. De sfeer was ingetogen. De muziek mooi, en hard. (helaas) Alpha & Omega, het begin en het einde. Jezus die er altijd was en eeuwig zal zijn. Hij zal oordelen. We mogen het in zijn hand leggen. Deze week lazen we uit Openbaring 1, hoe de Here Jezus zich daar laat zien. Zo totaal anders dan het beeld dat wij doorgaans hebben uit (kinder)bijbels. Jezus zoals Hij in Openbaring getekend wordt: met witte haren, ogen als een vlammend vuur. Zijn voeten gloeiden als brons in een oven en zijn stem klonk als het geluid van machtige watermassa’s. Uit zijn mond kwam een scherp, tweesnijdend zwaard en zijn gezicht schitterde als de felle zon.

Wat een pracht en wat een macht! De Here Jezus als heerser! Wat er ook gebeurt in de wereld, Hij is erbij en dat is troostvol. Aan het einde van het concert (dat helaas niet erg lang duurde) zongen we met z’n allen uit volle borst onderstaand lied. Mooi, heftig, ontroerend.

 

En wat dit alles nu met bidden te maken heeft? Het is een beetje een beeld hoe er van alles in mijn hoofd ronddraait en bezig is om tot een gebed te komen. Mijn gebed is inmiddels klaar en ligt geprint naast de mededelingen voor de kerkdienst. Met dank aan het Nederlands Dagblad, waar ik het laatste “puzzelstukje” voor mijn gebed vond:

Wie heeft wijsheid genoeg om U de juiste dingen te vragen-

meer dan vrede: úw vrede

voor Jeruzalem, voor Gaza, voor Tel Aviv-

om het daarna te leggen

in uw genadige, rechtvaardige, liefdevolle handen?

We weten niet wat we bidden moeten.

Laat uw koninkrijk maar spoedig komen,

en uw wil gedaan worden, op aarde zoals in de hemel.

Breng ons niet in beproeving,

maar verlos ons uit de greep van het kwaad.

Want aan u behoort het koninkrijk,

de macht en de majesteit

In eeuwigheid.

Amen!

 

Avondmaal in Manna

Verzorgingshuis Manna is van oudsher een gereformeerd huis. Vroeger heette het Martha-Oord  Ik heb er een aantal jaren gewerkt als vaste nachtdienst. Inmiddels is Martha-Oord Manna, is er een nieuw gebouw, een modern logo en wonen er bewoners uit veel verschillende kerken. Manna is inmiddels uitgegroeid tot een zorggroep, niet meer alleen een verzorgingshuis zoals vroeger.

Iedere drie maanden wordt het avondmaal gevierd. Een van de zes gereformeerde kerken verzorgt dit avondmaal. Gisteren was onze kerk aan de beurt, niet helemaal volgens rooster, soms gebeuren dingen. Aan mij de eer om dienstdoende ouderling te zijn. Gelukkig waren de dienstdoende diakenen vaker geweest, voor mij was dit nieuw. In  het trappenhuis vroegen we om een zegen voor deze dienst. We gingen daarna de grote zaal in en de dienst begon.

Een zaal met een aantal echt oude mensen. Ingedut of erg wakker. De overdenking ging over 1 Filipenzen 1 vers 9: “Ik bid dat uw liefde steeds meer aan inzicht en fijnzinnigheid wint, zodat u kunt onderscheiden waar het op aankomt”. Jezus Christus bindt ons samen, Hij leert ons in liefde met elkaar om te gaan. We mogen dankbaar zijn voor Gods genade die ons gegeven is en waar het avondmaal een teken van is.

Brood en wijn werden uitgedeeld. Gegeten en gedronken. De broeders en zusters droegen nog wat gebedspunten aan. Het was mooi dat iemand graag wilde danken voor de woordverkondiging. Hij was geraakt door de preek. Een ander vroeg gebed voor haar vriendin. En er werd gebeden en gedankt.

Na de dienst dronken we samen koffie. Mooi om wat gesprekjes aan te knopen. Niet iedereen had evenveel tijd: een van de dames moest toch echt naar haar kamer, want haar dochter belde iedere avond. En als moeders dan de telefoon niet opnam zou dochter zeker ongerust worden. Alleen wel jammer dat dochter zo onduidelijk spreekt, een gesprek was weleens lastig, aldus mevrouw. Wie zorgt hier voor wie?

Een andere dame vroeg heel belangstellend of deze predikant aan deze instelling verbonden was? Ik legde uit hoe het in elkaar zit en ze begreep het. Met heldere ogen keek ze me aan. Vervolgens werd dezelfde vraag met korte tussenpozen nog enkele keren gesteld. Ach ja… die vermaledijde kortetermijngeheugens….

Het was een bijzondere viering. Mooi en confronterend. De gebrokenheid van de ouderdom vind ik vaak lastig en confronterend om aan te zien en mee te maken. En toch, gaaf om in deze gebrokenheid avondmaal te kunnen vieren!

Chille stilte

De zomervakantie is alweer bijna voorbij. In het begin van de vakantie waren Floor en Mees een dagje bij ons. Het was supergezellig. Na allerlei activiteiten buitenshuis was het tijd voor meer rust. We gingen tekenen en kleuren. Floor liep even weg en Mees en ik bleven in alle rust en stilte doorkleuren. Al pratend kwam Floor weer binnen, waarop Mees reageerde: Je doorbreekt de stilte!

De reactie van Floor was: O, was het wel een chille stilte? Mees vond van wel. (ik ook, maar ik vond zijn gevoel hierin het belangrijkste)

Chille stilte. Iets dat wel duidelijk is en moeilijk te omschrijven. Warme stilte komt in de buurt denk ik. Het was hier ook stil. Al een paar maanden. Soms dacht ik: hier ga ik over schrijven en dan kwam er iets tussen of ik vond het bij nader inzien toch niet zo interessant. Of ik kon er niet over schrijven.

En zo ging de zomer voorbij. Een zomer waarin we tomaten in de tuin hadden die maar niet rood worden. Of een appelboom zonder appels.

Een zomer waarin we weer naar New Wine gingen, waar we van genoten. Voorafgaand aan New Wine hadden we een week vakantie. Voor het eerst sinds we met pensioen zijn. En het was heel erg fijn om gewoon een week echt niets te doen! En lekker te fietsen of wandelen of lezen of haken. Hoe simpel kan heerlijk zijn!

Vorige week waren we poortwachter in Nieuw SIon. Gasten ontvangen, naar hun kamer brengen. Soms praatpaal zijn. Veel lopen op een kleine oppervlakte. Aan het eind van de week was het kloosterfestival. Honderd jongeren in tenten en slaapzalen. Ze konden workshops volgen. Ze deden mee met de getijdengebeden, we hadden een volle kerk! Ze hielpen mee in de tuin, in de keuken. Het was goed en mooi!  En vol en druk!

Volgende week begint het gewone leven weer. De eerste vergadering staat alweer in de steigers. M’n tweede jaar als scriba, het nieuwe is er af. En dat geeft ook wel rust. Ook op andere fronten is er meer rust dan in het begin van dit jaar. Chille stilte, ik hoop erop!

Gospel

Gospel is de naam van een tentoonstelling in Museum Catharijneconvent in Utrecht. Een tentoonstelling met en over gospelmuziek. Te zien vanaf eind september tot 10 april. Het nadeel van zo’n lange tijd is dat ik voortdurend denk dat ik alle tijd van de wereld heb om er naar toe te gaan. Totdat ik me realiseer dat het nu toch echt de laatste week is. Oorspronkelijk zou ik nu weer in Nieuw Sion zijn, bij de paasretraite. Iets waar ik me enorm op verheugde. En wat ik uiteindelijk toch maar cancelde omdat ik een fikse ischias te pakken heb waardoor ik lichtelijk strompelend door het leven ga momenteel.

Maar ieder nadeel heeft z’n voordeel, zo lukte het alsnog om naar Utrecht af te reizen en deze tentoonstelling te bezoeken. Het is leuk om van verre al de muziek te horen! Gelijk in de eerste zaal klonk het “O happy day” je al tegemoet. Een lied dat in de zeventiger jaren populair werd. Een lied dat een bijzondere betekenis heeft, zie hiernaast. Mooi om dan net in deze tijd hier naartoe te gaan. Gisteren heb ik het nog eens extra goed beluisterd.

Wat me vooral trof in de tentoonstelling was de geschiedenis van gospel. Dat het eigenlijk verboden muziek was. Muziek van slaven. Er was best veel ruimte voor de geschiedenis van slavernij te zien en te lezen. Er lag een slavenbijbel in een vitrine. Een bijbel waar het boek Exodus niet in te vinden is. Want stel je voor dat slaven zouden ontdekken dat bevrijding uit slavernij mogelijk is….

We kunnen ons wijze hoofd hierover schudden en ongenoegen uiten over zoveel “domheid”of hoe je het ook maar wilt noemen. Tegelijkertijd vraag ik me af hoeveel wijzer en beter we nu zijn. Het was in ieder geval confronterend, dit stuk van de tentoonstelling.

Er waren beelden uit de tijd van Martin Luther King, onder anderen uit de film Selma.Een boeiende en confronterende film. Er waren beelden van concerten van gospelzangeressen. Niet alleen beelden, ook geluid. Ik zag een beeldje van een zangeres, gemaakt door een Nederlandse kunstenares, Nel van Lith. Zij was bij een concert geweest van Marion Williams, in Carré. Er waren filmbeelden van deze kunstenares te zien waarin ze vertelde hoe onder de indruk zij was van deze zangeres. Zelf had ze niets met geloof. Toch ervaarde ze dit concert als bijzonder. Toen ze thuis kwam had ze “hongerige handen” en ging aan de slag om een beeld te maken. Dat beeldje was eveneens te zien. Ik was vooral geraakt door de term: hongerige handen. Zo mooi: hongerige handen!

Ik vond het een mooie en bijzondere tentoonstelling. Mooi om de muziek te horen. Mooi om de geschiedenis te lezen en horen. Mooi om verbanden te horen (er is een audiotour) tussen pop en gospel en diverse andere muziekstijlen. Ook al vond ik het wel heftig en confronterend soms. Het enorme kwaad. De superioriteitsgedachte van witte mensen. Beschamend en confronterend. Met daarbij de vraag: hoe zou ik zelf in die tijd (van slavernij) gehandeld hebben? Of zou ik denken: ik kan er toch niets aan doen? Zoals ik nu ook weleens denk: wat is mijn invloed op bijvoorbeeld onze aarde?

Genoeg stof tot nadenken. Nu eerst Pasen vieren. Per slot van rekening was het gisteren Goede Vrijdag en mochten we dit lied weer zingen:

En morgen zal het Pasen zijn! Goede paasdagen gewenst!

Matthäus in gewone kleren

Een van de favorieten van mijn krant is de Gulliver, de bijlage die op vrijdag verschijnt. De bijlage over boeken, films, muziek en nog zo meer. In de Gulliver van vrijdag stond een verhaal over een bijzondere uitvoering van de Matthäuspassion. “Dynamische Matthäus in alledaagse outfit”

Uitgevoerd door het https://luthersbachensemble.nl

Foto van Twitter geplukt. De oplettende kijker ziet mij zitten.

Een uitvoering anders dan anders. Geen strakke pakken en glitterjurken of hoge splitten in die jurken. Geen rokkostuum, geen partituren. Niets van dit alles. Orkest en koor zingen gewoon in dagelijkse kleding. Geen rij solisten voorin op stoeltjes, die zitten en af en toe opstaan om te zingen om dan weer te gaan zitten om te wachten op de volgende ronde. Er zijn twee koren van ieder tien zangers, zonder aparte solisten. Zo vertelde ons het verhaal in het Nederlands Dagblad.

Nou, dat leek ons wel wat! Maar ja, dat was vast al uitverkocht, dachten we. Maar er was nog ergens plek! “Dus” reden we gisteren naar Harderwijk om daar deze uitvoering mee te maken. Wat een bijzonder geheel! We zaten in een mooie oude kerk, die als enige nadeel slechts twee toiletten had. Niet heel fijn.

Deze uitvoering werd omschreven als “semi-scenisch”. Geen toneelstuk, wel beeldend. Koor en jongenskoor kwamen achteruit de kerk het podium op lopen, in jassen. In het begin gaat het over de zalving van de Here Jezus, tijdens die scene werd er een kan water in een schaal uitgegoten. Uiteindelijk, als verderop in het verhaal de Here Jezus weggevoerd wordt om gekruisigd te worden, neemt Hij die schaal met water, als offer mee.

Er zitten prachtige beelden in. We zien Petrus vol overtuiging tegenover Jezus staan en hij zegt: wie U ook in de steek zal laten, ik niet! En even later is er de verloochening van Petrus. Vol overtuiging gezongen. Dan klinkt het prachtige “Erbarme dich”, degene die dat zingt troost de verslagen Petrus.

Zo zijn er veel meer van dit soort scènes waardoor het geheel echt begint te leven. Meer dan het ooit voor me geleefd heeft. Zelden tot nooit was ik tot tranen toe geroerd bij een Mattheus. Meestal ervaar ik het als een mooi muziekstuk. Nu was het veel meer verhaal en evangelie. Teksten kwamen dichterbij en spraken me echt aan.

Het slotlied van de Matthäus heet: “Wir setzen uns in tränen nieder” Het is nog geen Pasen, er is verdriet en rouw. De koorleden trokken hun jas aan en zongen dit laatste lied en liepen de kerk in en zongen tussen de luisteraars. Wat zou het supermooi zijn om dat laatste koraal gezamenlijk te zingen!

 

De deugdzame huisvrouw

Midden in de nacht wakker worden met de gedachte dat je nog heel veel uitnodigingsmails moet versturen en dat dat allang klaar moet zijn. Uitnodigingen voor Rosj Hasjana. En je moet nog allerlei dingen bakken.Paniek overvalt je.

Om vervolgens te beseffen dat je gedroomd hebt. Opgelucht probeerde ik verder te slapen, wat niet goed lukte.

De avond ervoor had ik het boek “De deugdzame huisvrouw” uitgelezen. Een boek waar ik veel plezier aan beleefde en  me weer aan het denken zette. Niet meer nieuw verkrijgbaar, via een FB groep aangeschaft. Het boek is geschreven door Rachel Held Evans.

Ze beschrijft hoe zij een jaar lang volgens bijbelse voorschriften leeft. Ze kiest iedere maand een thema waar ze zich aan houdt. Ze noemt haar man heer, is hem onderdanig. Dat levert een mooi hoofdstuk op over onderdanigheid. Ze onderzoekt de diverse bijbelteksten die over het onderdanig zijn van vrouwen gaan. Om tot verrassende conclusies te komen.

De maand augustus is gewijd aan stilte. Vrouwen dienen stil te zijn in de gemeente. Of mogen wel wat zeggen zolang het maar geen onderwijs is. Om stilte verder te onderzoeken bezoekt ze een klooster en maakt het leven daar enkele dagen mee. Op grond van Spreuken 31 vers 20, waar staat: haar handen strekt ze uit naar de behoeftigen, ze geeft de armen hulp, gaat ze op zoek naar gerechtigheid. En stelt zich de vraag hoe je gerechtigheid in praktijk brengt. Ze gaat mee met een reis van World Vision naar Bolivia en schrijft daar veel over.Gerechtigheid is niet iets voor ver weg of grote daden. Begin met het kopen van fairtrade produkten, bijvoorbeeld.

Ze gaat op bezoek bij de Amish, kampeert in de voortuin tijdens haar menstruatie en staat met een spandoek bij het begin van de snelweg. Kortom, een enerverend jaar.

Het laatste hoofdstuk gaat over genade en daarin beschrijft ze de viering van Rosj Hasjana. Met een recept voor een prachtig rond brood. Een groot feest, dat mij kennelijk tot in m’n droom bezighield.
Ik heb genoten van dit boek. Geschreven met humor en zelfspot. Met tussendoor stukjes uit het dagboek van haar man Dan.

Rachel Held Evans is in 2019 overleden, toen ze 37 jaar oud was. Dit boek is geschreven in 2012. Ze schrijft in het boek ook over haar twijfels om moeder te worden. Uiteindelijk hebben zij en haar man twee kinderen gekregen. Kinderen die op zeer jonge leeftijd hun moeder moesten missen.

Tussendagen

De liturgie is klaar. Aan de powerpoint wordt gewerkt. Over de door mij te dragen kleding wordt gepuzzeld. De advertentie stond zaterdag al in de krant en de kaarten zijn gisteren bezorgd. Nog anderhalve dag om punten op de i te zetten. En dan is de begrafenis.

Waren we vorige week nog in mineur en op zoek naar een plek voor ma, deze week zijn we nog steeds in mineur en ook opgelucht dat het zware einde nu afgelopen is. Een einde dat voor ons allen zwaar was. Hoe zwaar het voor haarzelf was, was moeilijk in te schatten. “Ik ben ook al 95” was een veelgehoorde opmerking. Evenals: ik begin een beetje vergeetachtig te worden.

De veelgeroemde zelfstandig wonende oudere verschrompelde steeds meer in haar. Corona had geen goede invloed op haar leven. De angst om ziek te worden was groot. Ma kwam de deur niet meer uit, allernaaste deed de boodschappen. Iedere zaterdagochtend ging de telefoon en werd het lijstje doorgenomen. Trouw werden de boodschappen gedaan en gebracht. Ook toen het voor corona niet meer nodig was. Twee jaar thuiszitten doet een mens geen goed, bovendien ging de leeftijd ook steeds meer tellen.

Zorg was nodig en alleen wonen ging niet meer. Om de beurt logeerde een van de kinderen een week bij haar om voor haar te zorgen, vanaf de kerstdagen.  De indicatie voor een verzorgingshuis was gelukkig snel binnen. Maar toen begon de ellende die wachtlijsten heet. We belden de ene na het andere verzorgingshuis, kregen soms wat tegenstrijdige informatie, de slotconclusie was dat de wachtlijsten lang zijn. Hoe verder?

Het ging steeds minder met ma. Het einde leek in zicht te komen. Donderdagavond waren we er nog, het leek zoals voorheen. In de nacht werden we gebeld door (schoon)zus die er die week was: ma was in haar slaap overleden. Ze mag in het Vaderhuis zijn. Zonder wachtlijst en waar niet naar een indicatie gevraagd wordt. Rust voor haar.

Wij hebben nu een paar volle dagen achter de rug. Dagen met een lach en een traan. Nu nog één weg met haar te gaan en dan is het over. Geen moeder meer. En straks geen huis meer van haar. Het is goed zo. En het is dubbel.

Bemoediging

M’n nieuwste hobby is kringlopen. Sinds kort is een van de grotere kringloopwinkels in onze stad verhuisd naar een pand op fietsafstand. Ook dat is een voordeel, met de fiets kun je niet teveel tegelijk meenemen, al heb ik grote fietstassen. Maar ja, ons huis is best ruim, ontdekten ook onze kinderen, vooral onze zolder is hun favoriet. Maar zelf denk ik wel: genoeg spullen gekocht en ben ik ook wel erg blij met het weggeefhoekje in onze kerk app. En toch blijft zo’n kringloop trekken.

Onlangs ontdekte ik dit ding, ja wat is het? Schilderij? Een bordje met tekst. Een bekende tekst. Ik vond het erg mooi, lekker nostalgisch. Vandaag plaatste ik het in onze gezinsapp. Niet iedereen waardeerde de uitvoering. De tekst wel. Al stuiter ik zelf een beetje op die laatste  regel: “Dan geeft Hij kracht naar kruis”  Ik denk dat dit gebaseerd is op 1 Korintiërs 10 vers 3. Daar staat dat God trouw is en dat Hij niet zal toestaan dat je boven je krachten wordt beproefd. Ik weet nog niet zo goed wat ik met deze tekst kan en moet. Wat als je het gevoel hebt dat je niet kunt omgaan met wat er in je leven gebeurt? Heb je dan gefaald? Geloof je niet genoeg?

Ik kocht dit ding omdat ik het wel apart vond. Misschien is het inmiddels van toepassing in ons eigen leven, nu er onzekerheid is over ziekteverschijnselen in ons gezin. Wat verder onderzocht moet worden. Eerst wachten op onderzoeken en dan op uitslagen. Juist die onzekerheid is slopend. Meer kan ik er momenteel niet over zeggen. Wel merk ik dat het heftig is. Vertrouwen houden, alles in Gods hand leggen, overgeven aan Hem. Ach, ik “weet” het allemaal. Ervaren is iets anders merk ik.

Pagina 2 van 51

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén